woensdag 8 oktober 2014

Het leven door een rode bril (Dag 18)

Sinds een paar jaar draag ik een bril. Daarvoor droeg ik lenzen maar van de ene op de andere dag ging dat niet meer. En na een strenge toespraak van de opticien deed ik dat ook maar niet meer. Gelukkig vond ik een best mooie, maar het bleef wel een bril. De hele dag een ding op je neus, met glazen die beslaan, waar druppels op blijven plakken en die al vet worden van een onschuldige knipoog. Kortom bril en ik hebben al jaren al een haat-liefde-verhouding.

Liefde omdat ie nu eenmaal onmisbaar is in mijn leven. Het rijdt een stuk makkelijker, ik herken mensen en bekijk het leven tot in detail. Maar de haat is er ook. Zo droeg ik voor mijn bril altijd grote oorbellen, gouden of zilveren ringen. Met een bril gaat dat niet samen. Teveel! En als ik me heb opgetut voor een avondje weg, is mijn bril zelden de kers op de taart. Manlief zegt me niet anders meer te kennen. Maar dat schaar ik niet onder zijn liefste complimenten. Ik vind mezelf gewoon leuker zonder bril. Minder streng. Bovendien is het leven een stuk leuker zonder vetvlekken voor je ogen.

Laseren dus? Wat zou het fijn zijn om altijd goed te kunnen zien. Bij het opstaan, op vakantie aan zee, bij alles! Ik twijfel er al een tijd over. Manlief heeft het gedaan. Een week nagedacht en toen gewoon gedaan. Hij is er nog steeds heel blij mee. Maar ik vind het doodeng. Ik durf niet eens het voorlichtingsfilmpje te bekijken en toen manlief een dag met lapjes voor zijn ogen op de bank lag, stond ik al te wiebelen op mijn benen. Laseren of een bril.

Ik ga er maar weer eens een nachtje over slapen.




Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Negen

We vierden het alvast op woensdag, omdat ze donderdag gingen rijden, de vrienden waarmee we vakantie in Portugal vierden. Dat had jij bedach...