woensdag 6 januari 2016

Jommetjes

Woensdagmiddag, ik haal kleine man op van school. Na het wekelijks vrolijk gezang in de hal, komt hij op me afgestormd. Hij wil afspreken met J. én F en ze willen mee met de vader van J. Die kijkt bedenkelijk vrolijk maar gaat akkoord. Terwijl de vader van F. en ik informeren of er ook meteen gegeten en gelogeerd kan worden, keren mijn kansen. Achter mijn rug besluiten de drie musketiers dat ze liever met mij meegaan. Dat krijg je ervan, lacht de vader van J., opgelucht vrolijk deze keer. En daar gaan we, drie stuivende jommetjes in mijn kielzog. Naar huis voor tosti's en LEGO.

In de auto vermaken ze elkaar met poep- en pies-grappen. Maar kleine man kijkt zwijgend en verdrietig uit het raam. Niets zo veranderlijk als een vijfjarige. Met tranen in zijn ogen besluit hij bij de voordeur dat hij nooit meer wil afspreken. Het liefst met terugwerkende kracht. J. en F. mogen vandaag nog de boom in van hem. Zij hebben heel andere plannen en storten zich onder het slaken van indianenkreten op de grote bak met LEGO. Kleine man blijft ontroostbaar en huilt dikke tranen. Niets kan hem op andere gedachten brengen. Ik stel voor om eerst tosti's te eten en daarna dan maar J. en F. naar huis te brengen. "Neeeeeeeeee!", klinkt het uit de speelhoek. "J. jij mag bepalen wat we gaan spelen als we mogen blijven", proberen ze diplomatiek. Maar J. snottert nog wat verder. Als het hem dan ook niet lukt de ketchup-fles open te krijgen besluit hij wanhopig dat hij HELEMAAL NIKS KAN. "Wel hoor J.", zegt beste vriend J., je kan huilen!" Terwijl ik een glimlach onderdruk, breekt naast me de zon door. Kleine man schatert hardop en de middag is gered. 

Terwijl ik me met een kop thee verschuil achter mijn laptop, zitten de drie musketiers achter elkaar aan met een zwaard. Ze ontdekken dat onder de bank liggen vet cool is en dat de poes liever niet geaaid wil worden als er geschreeuw aan te pas komt. Ze bouwen met LEGO en verdwijnen in de verkleedkist. Speciaal voor mij wordt de billendans gedaan met als kleine toegift de piemelwiebel. F. ontdekt dat het zwaard in zijn onderbroek past en kleine man verslikt zich in zijn lange vinger van het lachen. Als het me te gortig wordt, dreig ik met buitenspelen in hun hempie, maar ze geloven me niet. Toch?

Inmiddels is de rust weer wedergekeerd en ligt de poes tevreden te ronken op haar vaste plek. Zwaard veilig opgeborgen en kleine man - nog steeds in zijn onderbroek en hemd - moe voor de teevee. Jommetjes van vijf (en zes), wat zijn ze onuitstaanbaar lief


Met de kont tegen het aanrecht...

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Negen

We vierden het alvast op woensdag, omdat ze donderdag gingen rijden, de vrienden waarmee we vakantie in Portugal vierden. Dat had jij bedach...