woensdag 28 september 2016

Diginek

Gemiddeld kijken we 221 keer per dag op ons scherm, lees ik in de Groene Amsterdammer. Het artikel heeft de pakkende kop: Sammy kijk omhoog. Iets wat we over lange tijd wellicht fysiek niet meer kunnen. Hebben onze nekwervels zich aangepast aan het kleine scherm dat onze wereld beheerst. Zoals de nek van de giraf is afgestemd op de blaadjes in de hoge bomen. Ik grinnik bij de gedachte aan al die licht kromme nekken, maar het artikel blijft hangen.

Verwachten we meer van onze smartphone dan van elkaar? De schrijver van het artikel haalt het boek Reclaiming Conversation: The Power of Talk in a Digital Age aan van de Amerikaanse sociologe Sherry Turkle. Ze schrijft: in situaties waarin mensen de gelegenheid hebben elkaar te bevragen, aandacht aan elkaar te schenken en elkaar in de ogen te kijken kiezen ze voor het scherm, soms uit gewoonte, maar vaak ook bewust. Het feit dat we meer connected zijn dan ooit zegt meer over kwantiteit dan over kwaliteit. Hoe connected zijn we echt? Digitale technologie legt de weg van de minste weerstand nog verder open. Maar is die stortvloed van WhatsApp-berichten, Facebook-posts en tweets geen pover substituut voor een echte conversatie, waarin gesprekspartners steeds dieper kunnen afdalen zonder te worden onderbroken door losse flarden uit tientallen andere gesprekken. Het scherm is een instrument om de stroperigheid van menselijke interactie te omzeilen. Het is oneindig veel makkelijker om sorry te zeggen als je niet wordt geconfronteerd met de gekwetste blik van de ander, schrijft Turkle.  En een afspraak afzeggen is makkelijk gedaan via een tekstbericht.

Dat ik het laatste af en toe doe, moet ik tot mijn schaamte bekennen. En dat het makkelijker is dan bellen, moet ik ongemakkelijk toegeven. Is het vandaar een kleine stap naar erger? Ik ken al twee vrouwen wiens relatie is verbroken via whatsapp. Of er symbooltjes aan te pas kwamen weet ik niet, maar dat hun harten IRL waren gebroken, alleen al door deze botte actie, weet ik wel. En hoe gewoon is het om via tekstberichten diepe gevoelens te delen als het IRL vaak al zo verdomd moeilijk is de woorden ervoor te vinden. Buurvrouw N. op onze Italiaanse berg vertelde hoe ze een moeilijke periode deelde met vriendinnen over whatsapp en zich vervolgens eenzamer voelde dan ooit. Een vliegend kus-symbooltje is toch echt anders dan een vriendin die op dat soort momenten tijd voor je vrijmaakt.

Maar het kan toch prima naast elkaar bestaan? Turkle wijst op standaardtesten voor empathische vermogens die onderzoekers elk jaar afnemen bij studenten. Die scores vertonen een afname van veertig procent in de afgelopen twintig jaar, met de grootste terugval gedurende de afgelopen tien jaar...

De week nadat ik het artikel heb gelezen, zie ik om me heen hoeveel conversaties worden onderbroken of eindigen met een scherm. Buurvrouw I. vertelt over een vloer die ze graag zou willen en als ik het materiaal niet ken, wordt de iPad al gepakt om te googlen. Ik lach en vraag haar het zonder een scherm aan me uit te leggen. Ook denk ik terug aan een logeerweekend met vriendin I. waarin ik - terwijl ik koffie voor haar zet - de woorden probeer te vinden voor iets dat ik graag met haar wil delen. Terwijl ik haper, kijkt zij op haar scherm. Een berichtje van een collega, zegt ze lachend om vervolgens verbaasd naar me te kijken als ik hier boos om word. Ik probeer uit te leggen waarom het me kwetst en ze zwijgt. Later lees ik een berichtje van mijn lief die met de man van I. op een festival is: 'Heeft I. een app-verbod van je gekregen?' Ik verbaas me opnieuw maar leg me de rest van het weekend neer bij haar niet onverdeelde aandacht. En waarom voelt het anders als lief naast me op de bank een boek aan het lezen is of eindeloos op zijn scherm aan het turen en tikken is. In de tweede wereld lijkt hij veel verder weg van me te zijn.

Er zijn gelukkig ook genoeg voorbeelden hoe het anders kan en ik denk ook dat het naast elkaar kan bestaan. Maar het kan geen kwaad er af en toe bij stil te staan. Hoe voel je je als je zonder telefoon de deur uit bent gegaan? Of lach je bij de gedachte alleen al, omdat dat je nooit zou gebeuren? De verleiding van de wereld die schuilgaat onder je scherm is groot, maar 221 keer per dag kijken kan toch niet de bedoeling zijn. Dat moet ten koste gaan van iets. 

Ik kijk niet 221 keer op mijn mobiel en ga er denk ik best bewust mee om. Aan de andere kant, ligt het apparaat best vaak binnen mijn handbereik. En de gedachte om er als experiment een tijdje mee te stoppen, stuitte op ogenschijnlijk onoverkomelijke bezwaren in mijn hoofd. Dan zou ik immers de updates van collega's missen in de ochtend en de ditjes en datjes van mijn vriendinnen-app die ik IRL toch al te weinig zie. Natuurlijk loopt mijn redenering scheef. Want wat zou ervoor in de plaats komen? En zou ik echt zoveel missen?

De oplossing heb ik niet. Maar als je weer eens om je heen kijkt, wat is dan jouw gedachte bij al die licht gebogen nekjes?


Als reactie op een 'schermenmaatschappij' maakte kunstenares Anna Hoetjes de korte surrealistische film Interface.  







Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Negen

We vierden het alvast op woensdag, omdat ze donderdag gingen rijden, de vrienden waarmee we vakantie in Portugal vierden. Dat had jij bedach...