woensdag 22 februari 2017

Politiek plasje

DWDD staat aan en kleine man kijkt mee. Jan Terlouw vertelt over het Manifest dat hij heeft opgesteld samen met de politieke jongerenorganisaties. Aanleiding was het touwtje uit de brievenbus, het resultaat een prachtig Manifest met 5 punten die duurzaamheid moeten gaan waarborgen. Een van de punten stelt dat multinationals nu eindelijk verantwoordelijkheid moeten gaan nemen en allereerst belasting moeten gaan betalen. Logisch toch. "Hear Hear!", roep ik tegen het scherm en mijn lief die achter zijn laptop de multinational waarvoor hij werkt tevreden probeert te houden.

Kleine man wil weten waarover het gaat op tv. Ik vertel hem dat het over politiek gaat. Zijn wenkbrauwen fronsen bij het woord en hij vraagt wat politiek betekent. Mijn uitleg brengt vooral heel veel andere ingewikkelde woorden met zich mee. Wat betekent stemmen? Wat is regeren? En wat gebeurt er als straks iedereen op jou stemt, mama? Als ik uitleg dat er niet op mij gestemd kan worden omdat ik niet in de politiek zit, krijg ik opnieuw een waarom van kleine man naar mijn hoofd geslingerd. In gedachten had hij het rode kruisje al achter mijn naam of dat van zijn vader gezet.

Het blijft even stil bij het besef dat ik straks niet ga bepalen hoe we het in ons land gaan doen. En zijn vader ook niet. Dan zegt hij: "Ik zou het wel weten als ik in de politiek..." Ik zet de tv op pauze. Lief stopt met tikken.

"Ik zou ervoor zorgen dat iedereen als hij een plasje doet niet doortrekt als hij weet dat er nog iemand anders ook moet plassen. Dat kost geld en water. Toch mama?"

Ik knik en glimlach, stiekem een beetje trots op deze duurzame bijdrage. Kleine man fronst opnieuw zijn wenkbrauwen en maakt zijn voorgenomen regel af:

"Behalve dan als je hebt gepoept. Dan niet natuurlijk."

Niet alleen duurzaam, maar ook nog eens sociaal. Ik ben officieel trots.

Meneer Terlouw past er nog een 6e punt op uw Manifest?







zondag 12 februari 2017

Valentijntje

Kleine man is verliefd. In groep 1 en 2 konden meisjes wat hem betreft nog op een andere planeet gaan zitten. Als ik wel eens vroeg of hij ook vriendinnetjes had, was zijn antwoord een bondig nee. Op mijn waarom kwam dan het simpele antwoord ' omdat het meisjes zijn'. Zijn opgetrokken wenkbrauw mimede zijn onuitgesproken ' dat snap je toch ook wel mama'. De wereld bestond voor hem uit drie delen: jongetjes, meisjes en mama. En de eerste twee konden prima zonder elkaar. Tot een paar weken terug en hij me 's ochtends in de auto een geheimpje wilde toevertrouwen.

J: "Ik heb een geheimpje mama dat je aan niemand mag vertellen. En zeker niet aan mijn vrienden."
I: "Oh vertel, ik beloof het niet te verklappen."
J: "Ik ben verliefd op E."
I: "Dat is leuk."
J: "Maar niet aan mijn vrienden vertellen want die vinden dat niet stoer. Mij maakt het niet uit."
I: "En waarom ben je verliefd op E.?"
J: "Ze is zo mooi!"
I: "En is ze ook lief?"
J: "Ja."
I: "En is ze ook grappig?"
J: "Eeh, dat weet ik eigenlijk niet."
I: "Is E. ook verliefd op jou?"
J: "Nee."

Terwijl de rest van de rit ging over vlinders in je buik en wat dat dan was en dat hij dat niet voelde, verzuchtte kleine man nog eens hoe verliefd hij was. De volgende dag deelt hij ons geheimpje  met middelste zus en blaast hij de kaarsjes bij het eten uit om hardop te wensen dat E. ook op hem verliefd zou worden. Bij het naar bed gaan doen we vraag van de dag: "Met wie zou jij op een onbewoond eiland willen zitten?" Middelste en ik kijken elkaar aan en horen vanuit het onderste deel van het stapelbed een voorstelbaar "E.!""Dan hebben we verkering", visualiseert kleine man zijn Blue Lagoon. "En dan kunnen jullie kussen", plaag ik. Maar de iewww blijft uit. Hij heeft het te pakken.

Een paar dagen later weten ook zijn vader het, zijn oma's en zijn opa's. En zo wordt de liefde elke dag wat groter en met de wereld gedeeld. Ook met het object van zijn affectie. Op haar bureau gooit kleine man een tekening. Met een hart erop, een pijl erdoorheen én zijn naam in een hoekje. Een reactie blijft uit. Vervolgens fluistert hij het in haar oor, tijdens het kringgesprek. Hoe ze reageerde is hij 's avonds in bed vergeten. Maar hij heeft wel een plan. Of ik tijdens de zaterdagse boodschappen een bos rozen wil kopen, rode of allemaal gekleurde. Die gaat hij dan aan E. geven op school. "Voor Valentijn?", vraag ik? "Nee, voor maandag natuurlijk", is zijn nuchtere antwoord.

De rozen staan klaar in een vaasje. "Niks engs", zegt Valentijntje als ik vraag of hij het spannend vindt om de bloemen te geven. Hij geeft ze gewoon vlak voor school dan kan de vader of moeder van E. ze meteen mee naar huis nemen om in een vaas te zetten.

Romantisch én praktisch. Wat wil E. nog meer?

Hiep hiep

Jarig! Hoewel niet meer zo kriebel-verwachtingsvol-magisch-spannend als vroeger blijft het iets fijns. Kon ik vroeger niet wachten om oude...