vrijdag 29 december 2017

Dag 2017!

Popcorn tikt tegen de deksel van de pan. Ons avondeten. Kleine man en ik zouden lichtjes lopen in Amsterdam. Maar de kou veranderde onze plannen. Lief zou uit eten. Maar de griep kwam ertussen. Niet bij ons gelukkig. Dus popcorn en lichtjes binnen. Ook fijn. Tijd om te schrijven en te mijmeren. Over een jaar dat alweer bijna dichtgeklapt kan worden. Ik blader door mijn agenda omdat mijn hoofd geen talent heeft voor archiveren. Dat betekent niet dat ik vergeet hoor. Ik herinner me in willekeurige volgorde.

Ik denk aan mijn vader die twee draadjes aan zijn hart kreeg met een apparaatje eraan. Een technisch wondertje om zijn hart eraan te herinneren nog heel lang te blijven kloppen. Ik tel er een. Ik denk aan oudste die zich bij het schooltoneel had gemeld om te grimeren maar vervolgens op het podium stond in Shakespeare's Romeo & Julia. Trots en ik tel er twee. Ik denk aan kleine man en aan zwemles. Elke week samen. Hij met kikkervoeten en ik aan de kant. Van zijn A naar zijn B en begonnen aan zijn C. Drie. Ik denk aan middelste die aan haar laatste jaar als Wesp is begonnen. Haar tranen om de laatste keer kamp maar ook haar blijdschap om haar prachtige schooladvies. Nu nog een passende school voor onze zachtaardige dagdromer. Dat zijn er vier. 2017 was een jaar om te tellen. Blij met de opa's en oma's en het samen eten en zorgen op de maandag en de vrijdag. Zonder hen zou er geen vangnet hangen onder het koord waarop we ons regelmatig bevinden. Balancerend tussen werk en thuis, aandacht en boodschappen, schrijven en de was, dromen en werkelijkheid. Het een niet per se mooier dan het andere.

Ik denk aan de onvergetelijke week in Japan met beste vriendin W. De gouden berg en de lachende monnik op witte sokken waarvoor we om vijf uur uit ons bed kwamen. De houten huisjes en ontelbare Geisha's in Kyoto, de gyoza die het uur wachten op de stoep waard waren, de kraakverse sushi en de papierhemel in Tokyo. Onvergetelijk. Ik tel en blader. De zondagen gemarkeerd in mijn agenda waarin we om de beurt ons favoriete maaltje verzinnen en koken. Culi zondag. In een boekje houden we bij wat we eten en hoe het smaakt. En soms dromen we nog van de zelfgemaakte spaghetti carbonara van oudste. Ik kom de lijstjes tegen die ik elke maand maak. Van dingen om te doen en dingen om te wensen. Sommigen krijgen een vinkje, meer verhuizen mee.

Dromen en jagen.

Eentje zit ik op de hielen. Mijn boek kreeg maar liefst vijf hoofdstukken en is daarmee op weg de vorm te vinden die al zoveel jaren in mijn hoofd verborgen zat. Het enige dat ik moest doen was tijd vrijmaken en luisteren naar onverwachte zetjes en zachte aanmoedigingen. Ik tel.

Een weekend aan zee met oudste, vriendin A. en haar dochter A. Peddelend in de golven, lachend op onze yogamatten. Zomer in Portugal met het gezin. Onze roadtrip via Parijs, Bordeaux en Vallodalid. Slapen onder de sterrenhemel en nog meer golven. Aan toe. Want tussen het maken van deze mooie herinneringen werd er natuurlijk gewoon gewerkt, was er gedoe en mijn jaarlijks terugkerende blues. Vaak moe. Soms humeurig. En af en toe verdrietig. Om niks en om zaken die ik niet kan keren. Om het verdriet van mensen die me lief zijn. Om het verdriet dat gedeeld niet minder is.

Ik nam me meer voor dan ik deed, ik miste meer dan ik meemaakte. Dat is niet erg. Er bleef genoeg over. Op de bank liet ik me inspireren door mijn bijzondere burgemeester en het prachtige lawaai dat klonk in de stad na zijn dood. Hoopvol. In het theater liet ik me ontroeren door Dolf Jansen en Louise Korthals (een beetje Nouri). En ik las me door de stapels boeken naast mijn bed heen als ik maar even mijn ogen open kon houden.

Ik was vijf jaar getrouwd met mijn mister brown eyes en hij gaf me een strippenkaart cadeau. Voor elke strip een verrassing. Hij is nog veelbelovend leeg. Eerst nog de tijd inhalen. Niet teveel terugblikken dan maar. Het past toch niet in een blog allemaal. Gelukkig.

De popcorn is op, kleine man slaapt als een roos in ons bed en grote man vraagt om een blog. Het mooie nu. Maar ik denk alweer aan morgen, als onze oudste 15 wordt. En aan overmorgen als we het nieuwe jaar inluiden bij S. en A. Heel even heb ik de tijd ingehaald in gedachten. Maar ik sta met lege handen want ze moet nog worden ingevuld. Met nieuwe herinneringen en oude bekenden. Hopelijk zijn ze fijn en af en toe groots en meeslepend. In hun eenvoud wellicht. Dat zijn de beste.

Ik wens jou alvast het allerbeste voor dat hele nieuwe jaar voor de boeg. Volop dromen en jagen maar ook stilstaan en tellen. Van al het moois aan je voeten, dat je misschien heel even was vergeten toen je naar de sterren reikte. Kus ze. Koester ze.

En be kind. Voor jezelf en voor anderen.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Negen

We vierden het alvast op woensdag, omdat ze donderdag gingen rijden, de vrienden waarmee we vakantie in Portugal vierden. Dat had jij bedach...