maandag 5 maart 2018

Au en wee!

Mag het nog even voordat de lente in al haar schoonheid losbarst: een mopperblog. Al was het alleen maar omdat het zo'n mooi woord is: mopperblog. Een paar keer hardop zeggen en je voelt je mopperbui en -blog al naar de achtergrond verdwijnen. Bijna dan. Want AU en WEE! Alsof mijn halve zin niet genoeg was, heb ik inmiddels een ontstoken heup en hand. Een conclusie die ik zelf heb getrokken want er heeft nog geen dokter naar gekeken. Wat lief dan weer onvoorstelbaar vindt en tot die tijd mag ik niet bij hem klagen. Er kan zelfs geen 'he, wat vervelend' vanaf. Als ik daar dan weer over mopper, trekt hij slechts één wenkbrauw omhoog. En die vertelt dat de ontstoken hand begon als ontstoken schouder in Portugal (vorig jaar zomer). Eenmaal terug dacht ik dat het vanzelf wel weer over zou gaan. Zoveel maanden verder heeft lichaam nu bedacht dat ik misschien wel een afspraak bij de dokter maak als behalve mijn schouder nu ook mijn pols, hand en heup ontstoken voelen. Lichaam is soms slimmer dan hoofd. Hoofd doet graag aan struisvogelpolitiek. Misschien ook omdat vriendin A. in Parijs bedacht dat het misschien wel klachten zijn die te maken hebben met de overgang. Yaiks!

AU dus! Maar afspraak gemaakt want met mijn linkerarm kom ik amper nog in mijn jas (en shirt en beha) Denkbeeldige vinkje al gezet, dient het volgende probleem zich aan. Bril kwijt! Op zich een dagelijks probleem, maar eentje die zich meestal wel binnen enkele minuten oplost. Nu is het meer bril vermist. Na wandeling op zondag nog wel thuis gekomen maar eenmaal binnen niet meer gesignaleerd. Heeft u iets verdachts gezien, bel... WEE dus! Ik kan best zonder bril. Als ik ijdel in de kroeg wil zitten. Als ik lees. Of slaap. Ik kan de trap op en ook weer af. Maar autorijden gaat al een stukje lastiger. En ik moet bovenop de tv gaan zitten om de ondertiteling te kunnen lezen. En op het schoolplein herken ik de andere ouders alleen als ik de sociaal toegestane gespreks-afstand overschrijd. Ik heb het hele huis al overhoop gehaald. De kinderen een beloning beloofd als ze hem vinden. Zelfs lief heeft meegezocht. Maar geen bril.

Niet in de wasmand. Niet in mijn schaatsen. Niet in de ijskast. Niet tussen randjes of kussens op de bank. Niet in de bak met chips en snoep. Niet achter de boeken in de boekenkast (de plek waar kleine man zijn knuffel zich ooit een halfjaar verschanste) Niet in de sokkenla. Niet in de knijpermand. Niet in hoekjes noch gaten. Misschien in de prullenbak, maar die hebben we al geleegd.

Vanmorgen scheen gelukkig de zon, dus reed ik met mijn zonnebril-op-sterkte naar mijn werk. Op de terugweg begon het al licht te schemeren en reed ik op routine.

Echte wereldproblematiek is het niet. Maar het valt niet mee, de halve zin, de au en de wee bij elkaar opgeteld. Kom ik toch weer uit bij die winterslaap, wat meteen een oplossing is voor de vermissing van mijn bril. Twee weekjes maar. Ga ik daarna wel naar de dokter en de opticien.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Negen

We vierden het alvast op woensdag, omdat ze donderdag gingen rijden, de vrienden waarmee we vakantie in Portugal vierden. Dat had jij bedach...