vrijdag 29 juni 2018

Hé kleine man op je kinderfiets...

"Opstappen zoals papa lukt nog niet." Ik luister naar zijn gebabbel terwijl ik onze fietsen pak. "Dan zwaait hij zo met zijn been over de stang van de fiets." Ik grinnik, want als kind kreeg ik dat ook niet onder de knie. Zelfs niet de lage kruislingse opstap van mijn moeder, laat staan de hoge zwiep van mijn vader. Samen proberen we het nog maar eens. Maar nee. We lachen en stappen allebei op de gewone manier op. "Stelletje uitslovers", stellen we onszelf gerust. Toen kleine man nog in mijn buik zat, verlangde ik naar samen met hem fietsen. Ik stelde me hem toen nog in het zitje voorop mijn fiets voor, met zijn kleine beentjes achter het windscherm. Nu hij me vooruit stuift op zijn crossfiets is het geluk net zo groot. Zodra hij fietst, begint hij met zingen, af en toe afgewisseld door brommergeluiden. Dan trekt hij zijn benen op de stang, want op een brommer hoef je niet te trappen. Op de dijk waar auto's rijden komt hij aan mijn binnenkantje, om daarna weer in een duivelse vaart de helling af te scheuren. "We gaan de komende weken lekker vaak op de fiets", beloof ik hem met zeven weken verlof in het vooruitzicht. Hij knikt en zingt door.

Op school kus ik middelste en geef de joggingbroek van oudste mee aan haar moeder. Die is vandaag zowaar in een hip broekpak naar school, hoor ik. Met vrolijk groene blaadjes erop. We moeten er allebei om lachen. Oudste heeft zo haar eigen stijl en daar passen vrolijke blaadjes zelden in. Ik neem me voor binnenkort met haar de stad in te gaan, voor die Vans waar ze haar hart aan heeft verpand. Alle tijd! Op de weg naar huis, merk ik dat ik zing. Queen. Don't stop me now... Vriendin D. en ik houden er sinds kort theme-songs op na. En deze past uitstekend bij de komende weken. Cause I'm having a good time... 

Het leven is goed op de fiets. En wat is Noord groen! Langs het fietspad zit een oude hippie in het gras. Hij steekt zijn eerste joint op. Hij zwaait me gedag en ik zwaai terug. Ik ruik de zoete walm. De vogels fluiten en proberen over de snoeischaarmachines van de gemeente heen te komen, die openbare heggen tot de orde proberen te roepen. Het groen lacht ze stiekem uit. 

Het laatste stukje. Ik groet de oude treurwilg waarvan de lange slierten geduldig wapperen in de wind. Hoe oud zal hij zijn? Stok! Nu nog langs de waterlelies, over de dijk en dan door het tuinhek naar binnen. Zoveel geluk op één ochtend!

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Negen

We vierden het alvast op woensdag, omdat ze donderdag gingen rijden, de vrienden waarmee we vakantie in Portugal vierden. Dat had jij bedach...