maandag 20 augustus 2018

Altijd regen

Bretagne. Bijna iedereen aan wie ik vertelde dat we onze vakantie daar gingen vieren, voorspelde me dat het daar altijd regent. Vriend M. zat er eens drie weken in een tent met zijn lief en heeft haar daarna nooit meer kunnen overhalen om te kamperen. "Nat en koud", kan hij het zich jaren later nog goed herinneren. Hij was niet de enige.

Ik liet me niet afschrikken. Bovendien had ik al geboekt en echt iets leuks gevonden wat best een klein wonder was omdat het (zoals gewoonlijk) op het allerlaatste moment was en ik een pietje precies (lees: vakantiesnob) ben als het om vakantiehuisjes gaat. Twee karaktereigenschappen die ik toch eens beter op elkaar moet gaan afstemmen. Stiekem trok wisselvallig weer me ook meer dan zinderende hitte, die ons in Nederland al weken in de ban hield. Tegen lief zei ik dat het allemaal heus zou meevallen en pakte vier regenpakken in en een storm-paraplu. Aan de kinderen liet ik het zwembad zien met de doorzichtige overkapping en vertelde erbij dat het water maar liefst 28 graden was. Geen kritische vragen maar gejuich was mijn deel. We konden vertrekken.

En toen gebeurde het dus. Bretagne stal mijn hart. Nu heb ik het snel te pakken op vakantie. Dorpje, wijntje, zeetje. De kinderen horen het niet eens meer als ik mijn lofzang begin over al het schoons op onze vakantiebestemming. Maar deze keer was het anders. Het voelde een beetje als thuiskomen ondanks dat ik die verdomd prachtige taal niet beheers. Was het de zeelucht? De indrukwekkende eb en vloed? De rotsen en haar talloze schelpenschatten? De Fransen die geen echte Fransen zijn? Het Bretonse dialect? Liefde is niet altijd te verklaren toch, hoewel the object of my affection wel erg hard haar best deed. De regenpakken hebben we maar één keer hoeven uitpakken, de tweede keer zwommen de kinderen in het zwembad terwijl de regen gezellig op het doorzichtige dak tikte en lief en ik ons verscholen in ons mini houten huis met een Pastis.

De laatste week verbleven we bij S. en A. die jaren geleden naar Bretagne waren verhuisd. Het was begonnen met een tweede huis dat ze jarenlang elke zomer bezochten en opknapten. Tot ze liever daar dan in Nederland wilden wonen. Gelukkig voor ons, want het geluk en de verse eitjes lagen voor het oprapen daar in Le Petit Poisson Vert. De streek Morbihan vond ik nog mooier dan de Finistère waar we de eerste twee weken verbleven. En S. en A. deelden met liefde hun liefde voor Bretagne met ons. We vingen krabspinnen in een baai op het schiereiland Quiberon (lees A. ving krabspinnen terwijl J., A. en ik op afstand door onze duikbrillen ernaar keken), staken de barbecue aan, dronken de lekkerste rosé ooit en zagen de soleil in de mer zakken. De meiden leerden surfen, terwijl wij toekeken op een uitgestrekt leeg strand. We namen de boot naar een eiland waar we fietsten en crêpes aten waar we twee uur op moesten wachten. We snoepten macarons vanwege hun onweerstaanbare kleuren en plakten onze tanden aan elkaar met zoute karamelsnoepjes. Van stenen maakten we stapeltjes om daarna trots 'Menhir!'  te roepen.

Bretagne dus. Waar het altijd regent. Behalve als wij er zijn. Nouja, twee dagen dan... maar liefde maakt blind.


In de rook van Amsterdam... 

donderdag 16 augustus 2018

Een jarige dag

Acht jaar geleden hield ik je voor het eerst in mijn armen. Een klein hummeltje dat weinig haast had om naar buiten te komen. Eenmaal op mijn buik, keek je moe maar tevreden, alsof je ons herkende. De wijzer op de weegschaal maakte een bescheiden beweging en de kleinste maat romper was je dan ook veel te groot. Toch zat alles erop en eraan. Twee ogen, twee oren, een neus en een mond. Tien vingers en tien tenen, een snavel en een slurfje. Mijn hart maakte wel duizend sprongetjes. Daar was je dan. Ons leven samen kon beginnen. Wat een groot en angstaanjagend geluk.

Vandaag ben je acht. Je maakt ons al vroeg wakker door in het grote bed te kruipen en te vertellen hoe jarig je bent. Als de regisseur van je eigen verjaardag, vraag je ons wanneer we het ontbijt gaan maken. Niet dat je heel veel trek hebt (blijkt later) maar ontbijt op bed hoort nu eenmaal, bovendien gaat dat altijd samen met cadeautjes. En dat laatste houd je al weken bezig. Wat je wilt hebben. Wat we gaan kopen. En of we het al hebben gekocht. Grapjes worden niet gewaardeerd en als het echt waar is dat er een pup in de doos onder het bed zit, ga je bij je beste vriend T. wonen. Met af en toe een weekje bij ons. Dat dan weer wel. Terwijl de croissantjes in de oven hun best doen goudbruin te krullen, wordt het wachten je teveel. Je vraagt door de traptreden hoelang het nog duurt. Bijna klaar, jagen we je terug het bed in. Dan, twee violen en een trommel en een fluit, blazen en uitpakken maar. De jarige dag kan beginnen. Tenminste als dit het enige cadeau is dat we voor je hebben. Niet erg, maar je wil het wel even checken. 

Ik lach, zoals ik zo vaak om je moet lachen. Stiekem en nee, ik zal er niet over bloggen. Niet zo, een beetje anders, beloof ik. Ik schrijf om te bewaren. Acht jaar en van die lange benen. Waarmee je het allerliefste fietst. Terwijl je zingt en praat. Honderduit. De hele dag door, ook als je niet op de fiets zit. De spaarzame momenten dat je stil bent, zit je achter een scherm, slaap je of voel ik aan je voorhoofd omdat je dan waarschijnlijk ziek bent. Dat heb je dan meestal wel van tevoren goed onder woorden kunnen brengen. Vandaag ben je vol van de vulpen die je straks krijgt in groep vijf, de nieuwe gympen van opa en oma die kapot cool zijn maar op de fiets wel als een baksteen om je voeten voelen. En of we wel naar de stad gaan fietsen want dan kan het nieuwe slot (meervoud slodden) om je fiets dat je van de andere opa en oma kreeg. Dan mogen wij er ook aan vast. 

Mijn lieve jarige grote kleine man. Babbelkous, ouwe Neel, filosoof in de dop en hardop dromer op je kinderfiets. Roetsjen maar! Ik kom achter je aan. 


(Uit Vanuit hier zie je alles: 'Hoe ouder ik word, des te meer ik geloof dat we alleen voor jou uitgevonden zijn. En als er een goede reden is om uitgevonden te worden, dan ben jij het.')

woensdag 8 augustus 2018

Helemaal niet erg

Soms heb je vakantie van vakantie. Dat bedacht ik toen vorige week de regen met bakken uit de lucht viel en mijn plannetjes in het water. Terwijl het gezellig tikte op het dak van ons huisje, dronk ik koffie in bed en keek twee afleveringen Friends op mijn laptop. De kinderen zwommen met nog meer plezier in het deels overdekte zwembad en lief maakte zich Onzichtbaar achter het boek van Murat Isik.

Ik ben een ontdekkingsreiziger in het klein. Altijd op zoek naar mooie plekjes en herinneringen voor later. Dus wil ik in Bretagne oesters eten en ze het liefst zelf vangen. Dat ik er niet zoveel om geef, maakt niet uit. Ik wil de zon onder zien gaan in de zee, met een glaasje cider erbij. En als het licht de roze kleur van de huizen zo mooi vangt, vraag ik mijn lief direct te stoppen zodat ik het beeld mee naar huis kan nemen in mijn camera. Ligt er een map met lokale tips en routes in het vakantiehuisje, dan maakt mijn hoofd kortsluiting. Want er is elke dag wel een leuke markt ergens, minstens drie mooie stranden, een wonderschoon baaitje, surfles én een salon de thé met taartjes en een jardin. Dat gaat nooit allemaal lukken, weet ik nu al en denk aan Martin Bril:

Je mist meer dan je meemaakt. 
Helemaal niet erg. 

Vandaag gaan we nergens heen. Lief is met de auto naar Nederland. Zijn peetoom is onverwacht overleden en hij wil bij het afscheid zijn. De map met tips blijft dicht. We hebben vakantie van vakantie. De kinderen spelen Monopoly onder de boom, de Franse versie die net zolang duurt als de Nederlandse. En terwijl ze hun geld tellen als ze op Station Montparnasse belanden, bedenk ik hoe het leven zou zijn als je hier zou wonen,  in Le Petit Poisson Vert.

Ik blader door de stapel Flows van ons vakantiehuis en gluur naar binnen bij de gîte van de buren. Middelste heeft een vriendin gevonden in dochter A. van de eigenaren en ze ontfermen zich samen over de kleine A. van de caravan. Ze spelen met een eindeloos geduld verstoppertje en memory. Kleine man had gehoopt vakantievrienden te maken, maar valt tussen wal en schip bij de twee jongens hier, dus klimt hij in de boomhut en oefent zijn Ninja-oefeningen voor het kippenhok. Af en toe krijg ik een dikke knuffel. Want gewoon. Oudste besluit te gaan bakken omdat ze verliefd is geworden op de keuken in ons huis, de enorme oven en de talloze lades met keukengerei en bakjes. "Lava-taartjes van chocola of cake", vraagt ze. "Allebei!",  antwoord ik.

We hebben immers vakantie van vakantie! En dan zoeken we straks een verborgen plekje in onze jardin om al het lekkers op te eten, bedenk ik zachtjes. Helemaal niet erg.



zondag 5 augustus 2018

Almost eight...

"Stelling, mama!", kleine man pakt mijn hand en begint over wat hem nu al een tijdje bezig houdt. "Wielrenfiets of crossfiets?" "Crossfiets", geef ik het foute antwoord. "Wist je dat een wielrenfiets wel zes keer zo snel is mama?", legt hij uit met opgewonden stem. "Ik zou dus altijd een wielrenfiets kiezen", besluit hij. "Ik weet het", glimlach ik omdat we dit gesprek tenminste één keer per dag met elkaar hebben.

Kleine man is bijna jarig en bovenaan zijn verlanglijstje staat een fiets. Een wielrenfiets wel te verstaan met zo'n krom stuur en hele dunne banden. Dat hij graag over stoepen en hobbels dendert, wuift hij weg want snelheid is belangrijker dus op zijn nieuwe fiets zou hij dat gewoon niet doen. Hij kijkt me vragend aan en zou graag nu al weten of het in orde komt met die fiets. Ik leg hem uit dat cadeautjes voor verjaardagen een verrassing zijn en dat ik daar dus nog niets over kan zeggen. Daar snapt hij niets van, want waarom zou je dan verlanglijstjes maken. En kunnen we het ook nog even over die schoenen hebben die hem wel erg gelukkig zouden maken...

Voorpret, hij zou het uitgevonden kunnen hebben. En zo droomt kleine man hardop al weken over zijn verjaardag. Almost eight and eleven days nog, want naast al het mijmeren leert hij Engels praten. De dag zelf heeft hij al op verschillende manieren ingevuld. Met pannenkoeken op de boot, maar sushi in de stad is ook goed. Of in dat ene zwembad met die lange glijbaan waar hij toen nog niet echt vanaf durfde maar nu vast wel. En fijn dat er nog een feestje komt, later als iedereen die zijn verlanglijstje heeft gekregen weer terug is van vakantie. 

En terwijl ik de tijd probeer te bevriezen in ons vakantiehuis in Bretagne, kijkt hij de klok vooruit. Op zevenmijlslaarzen. Almost eight.


Kleine Noordman aan de kust van Bretagne.

Lievs

Niets maakt me zo gelukkig als een brief door mijn bus, schreef ik gisteren. En wat denk je... vandaag ligt er een brief op mijn mat! De mag...