woensdag 6 juli 2016

Mijn zonnetje

Het gaat te snel. De tijd. Aan de ene kant kan het me niet snel genoeg gaan. De weken, want wat heb ik veel zin in vakantie. Maar tegelijkertijd maken deze weken me bang. De mails met plan X voor het afscheid van de oudste kleuters. Nog een krukje knutselen als afscheidscadeau voor de juffen. Het rapport waarin succes wordt gewenst in groep 3. Op het schoolplein zie ik een moeder met een wiebelig kind, een jaar of twee. Niet ouder, eerder jonger. Ik weet het nog zo goed. De wiebelbenen van kleine man, die het lopen sowieso lekker lang uitstelde. Maar toen hij eenmaal ging, armpjes naar me uitgestrekt en een schaterlach die ik nog steeds kan horen. Als ik eraan denk voel ik gelukspijn.

En nu wiebelt hij niet langer maar holt en springt en stuitert. Ik haal hem op van school en kom thuis met alleen zijn rugzak. Hij doet een affie.  Ik herinner me de eerste keer dat hij met een vriendje ging afspreken, een mijlpaal vond ik en even wennen om de woensdagmiddag zonder mijn zonnetje door te brengen.  We zijn inmiddels heel wat affies verder en het is nog steeds weleens een beetje wennen. Want dan heb ik tijd om na te denken hoezeer de tijd vliegt. Au!

Vanmiddag naar zwemles en na de zomer leren lezen en schrijven. Zijn benen worden langer en inmiddels wiebelen zijn tanden. Hij plakt dino-plaatjes, voetbalt in de tuin en kan prima een middag zonder zijn moeder. Heerlijk toch. Zo hoort het te zijn. Ik weet het. Maar ik ben bang dat ik op mijn vader lijk en nostalgie in mijn DNA heb zitten. Een beetje maar hoor. Ik combineer het met heel veel zin in alles wat nog komen gaat. Mijlpalen, grote en kleine. Groeipijnen, letterlijk en figuurlijk. En geluksmomenten, zo groots dat ze een beetje pijn doen.



Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Negen

We vierden het alvast op woensdag, omdat ze donderdag gingen rijden, de vrienden waarmee we vakantie in Portugal vierden. Dat had jij bedach...