vrijdag 9 november 2018

Wiebelig

Hoe gaat het met je? Ik kijk naar buiten en zie de zon zich uitsloven om het herfstplaatje nog perfecter te maken dan het al is. Ik probeer de kleuren te tellen, maar besef dat er oneindig veel tinten zijn tussen rood en oranje. Ik doe mijn ogen dicht en laat de zon mijn wangen aaien.

Hoe gaat het met je? Ik wandel langs de weilanden en kijk oneindig ver. De koeien houden even op met grazen als ze onze voetstappen horen. Ik lach en wijs naar het zwarte schaap tussen alle witte. We kiezen een boerderij uit waar we ooit maar eigenlijk nooit willen wonen.

Hoe gaat het met je? Ik blaas de hete thee minder heet en kijk naar je handen die kleine cadeautjes inpakken. Ik wil wel helpen, maar vraag het niet. Je redt je wel terwijl ik mijn handen vol heb aan de mok.

Hoe gaat het met je? Ik pak een pen en papier. Maar de bladzijde blijft leeg. Morgen weer een dag.

Hoe gaat het met je? Ik zucht en lach tegelijkertijd. Samen vormen ze een regenboog in mijn hoofd. 

Hoe gaat het met je? Ik trek je op schoot en houd oneindig veel van je. Ik steel een kus en krijg een vraag. Eentje die ik kan beantwoorden. Over wat we vanavond eten.

Hoe gaat het met je? Hart zwijgt koppig. Als je toch niet luistert...

Hoe gaat het met je? Wiebelig, fluister ik. Helemaal niet erg, zeg jij.


Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Negen

We vierden het alvast op woensdag, omdat ze donderdag gingen rijden, de vrienden waarmee we vakantie in Portugal vierden. Dat had jij bedach...