zaterdag 31 maart 2018

Wereldreiziger op tangoschoenen

Er zijn nog zoveel wielen om uit te vinden. Ik lees de tekst en knik tegen het kaartje in het rek. Ik sta in mijn favoriete kaartenwinkeltje in de buurt waar ik vroeger woonde. Driehoog achter in de Willemsstraat. Als ik op mijn dakterras op mijn tenen ging staan, zag ik de Westertoren. Het winkeltje heeft inmiddels een andere eigenaar maar verder is er niets veranderd. Ontelbare kaartjes in ronddraaiende rekken. Klaar om gekocht en op de post te worden gedaan. Klaar om iemands hart een klein sprongetje te laten maken. Van geluk. Of misschien als boodschapper van iets dat je niet persoonlijk durft te zeggen.

Ik koop de kaart en reken af. Deze is voor iemand die me dierbaar is. En ook een beetje voor mezelf. Want de gedachte dat er nog zoveel wielen uit te vinden zijn, stemt me hoopvol. Ouder inmiddels dan het meisje dat op haar tenen de Westertoren begroette vanaf haar dakterras. De wereld aan mijn voeten heeft een vorm gekregen. Een man, kinderen, een huis en een tuin. Ik tel ze regelmatig. Waarschijnlijk meer achter de rug dan voor de boeg, maar zo voelt het niet. Als ik met mijn tenen wiebel zie ik nog steeds de contouren van een onontdekte wereld. En wielen om uit te vinden. Deze week nog. Gedoe op het werk, zorgen om de gezondheid van iemand die ik nog niet kan missen en balancerend tussen dromen en dagelijkse dingen. Is het leven maakbaar? Ik denk het niet. De kunst van het leven gaat niet over controle. Ik zie het meer als een Argentijnse Tango, niet altijd blij met degene die je ten dans vraagt, maar als je je ogen sluit en goed luistert naar de muziek gaan de passen soms vanzelf. Soms ook niet. Maar je mag opnieuw beginnen.

Ik heb te lang niet geschreven. Dromen bevolkten vooral mijn hoofd maar bereikten niet mijn tenen. Mijn boek verdween naar de achtergrond van heel veel anders. Tobbend over alles wat ik niet. Troostend dat het wel een beetje liever, voor mezelf. Juist voor jezelf. Ik vertelde het deze week nog aan twee bijzondere mensen die ook al zo streng wielen aan het uitvinden waren. De kunst van het leven. Kunst blijft het. Daar hoort verwondering maar ook bewondering bij.

Dus gewoon maar weer beginnen, bij deze. Zolang ik wielen probeer uit te vinden betekent het dat ik leef. Dansend, struikelend, hollend, buiten adem... hoopvol. Een wereldreiziger op tangoschoenen.


Gelukkig!

maandag 5 maart 2018

Au en wee!

Mag het nog even voordat de lente in al haar schoonheid losbarst: een mopperblog. Al was het alleen maar omdat het zo'n mooi woord is: mopperblog. Een paar keer hardop zeggen en je voelt je mopperbui en -blog al naar de achtergrond verdwijnen. Bijna dan. Want AU en WEE! Alsof mijn halve zin niet genoeg was, heb ik inmiddels een ontstoken heup en hand. Een conclusie die ik zelf heb getrokken want er heeft nog geen dokter naar gekeken. Wat lief dan weer onvoorstelbaar vindt en tot die tijd mag ik niet bij hem klagen. Er kan zelfs geen 'he, wat vervelend' vanaf. Als ik daar dan weer over mopper, trekt hij slechts één wenkbrauw omhoog. En die vertelt dat de ontstoken hand begon als ontstoken schouder in Portugal (vorig jaar zomer). Eenmaal terug dacht ik dat het vanzelf wel weer over zou gaan. Zoveel maanden verder heeft lichaam nu bedacht dat ik misschien wel een afspraak bij de dokter maak als behalve mijn schouder nu ook mijn pols, hand en heup ontstoken voelen. Lichaam is soms slimmer dan hoofd. Hoofd doet graag aan struisvogelpolitiek. Misschien ook omdat vriendin A. in Parijs bedacht dat het misschien wel klachten zijn die te maken hebben met de overgang. Yaiks!

AU dus! Maar afspraak gemaakt want met mijn linkerarm kom ik amper nog in mijn jas (en shirt en beha) Denkbeeldige vinkje al gezet, dient het volgende probleem zich aan. Bril kwijt! Op zich een dagelijks probleem, maar eentje die zich meestal wel binnen enkele minuten oplost. Nu is het meer bril vermist. Na wandeling op zondag nog wel thuis gekomen maar eenmaal binnen niet meer gesignaleerd. Heeft u iets verdachts gezien, bel... WEE dus! Ik kan best zonder bril. Als ik ijdel in de kroeg wil zitten. Als ik lees. Of slaap. Ik kan de trap op en ook weer af. Maar autorijden gaat al een stukje lastiger. En ik moet bovenop de tv gaan zitten om de ondertiteling te kunnen lezen. En op het schoolplein herken ik de andere ouders alleen als ik de sociaal toegestane gespreks-afstand overschrijd. Ik heb het hele huis al overhoop gehaald. De kinderen een beloning beloofd als ze hem vinden. Zelfs lief heeft meegezocht. Maar geen bril.

Niet in de wasmand. Niet in mijn schaatsen. Niet in de ijskast. Niet tussen randjes of kussens op de bank. Niet in de bak met chips en snoep. Niet achter de boeken in de boekenkast (de plek waar kleine man zijn knuffel zich ooit een halfjaar verschanste) Niet in de sokkenla. Niet in de knijpermand. Niet in hoekjes noch gaten. Misschien in de prullenbak, maar die hebben we al geleegd.

Vanmorgen scheen gelukkig de zon, dus reed ik met mijn zonnebril-op-sterkte naar mijn werk. Op de terugweg begon het al licht te schemeren en reed ik op routine.

Echte wereldproblematiek is het niet. Maar het valt niet mee, de halve zin, de au en de wee bij elkaar opgeteld. Kom ik toch weer uit bij die winterslaap, wat meteen een oplossing is voor de vermissing van mijn bril. Twee weekjes maar. Ga ik daarna wel naar de dokter en de opticien.

donderdag 1 maart 2018

Straks.

De dagen zijn vol. Met werk. Met huis. Met gezin. Mijn hoofd is vol. Met plannen. Met gedachten. Maar zo vol als het is, zo half voelt het allemaal. Met halve gedachten bij mijn werk. Met halve aandacht bij de kinderen. Half bij lief. Halve zin. Halve avonden want te moe om ze vol te maken. Halve afspraken want in mijn volle hoofd is geen plek voor hele.

Half. En dat bevalt me niet. Maar ik weet ook even niet hoe anders. Minder werken? Anders de dagen invullen? Routine doorbreken? Meer bewegen?

Een winterslaap lijkt me de beste oplossing. Eigenlijk net als ieder jaar. Als de winter net te lang duurt en mijn verlangen naar het voorjaar haar ongeduld begint te verliezen. Bijslapen tot het halve vat weer vol is en mijn hoofd weer leeg. Onder een dik dekbed. De boel de boel of het nou gaat vriezen of dooien. Niet veel binnen handbereik behalve een boek. Eentje van de half gelezen stapel die pruilend mijn nachtkastje bezet. Wakker maken mag alleen voor kusjes en koffie met veel melk erin. Ernaast kruipen mag. Mits ik je lief vind en je niets van me vraagt. Kriebel gewoon maar af en toe over mijn rug. Dan val ik heerlijk in slaap en droom over straks als mijn halve zin weer heel is. Als de schaatsen zijn opgeborgen en er katjes aan onze Magnolia hangen.

Straks. Ik hoop snel.




woensdag 14 februari 2018

Blij dat jij er bent

De dag van de liefde. Ik word wakker omdat de kleine Valentijn naast me kruipt. Hij babbelt en ik wrijf mijn ogen wakker. Grote man vraagt om koffie en ik glimlach. Als ik uit bed stap, wordt mijn warme plek dankbaar in beslag genomen door middelste. Haar krullen hebben zin in vandaag maar haar hart slaapt nog. Oudste, al net zo wakker als kleine man, dwarrelt om me heen in haar hipste trui. Terwijl ik haar wijs op de dag van de liefde, rollen haar ogen. Ik smeer een vlokkenfeest, vul bekers en bedaar een dikke poes die sinds een week op dieet is. Dankbaar krult ze haar staart om mijn benen.

Op de hoek van de tafel liggen vier Valentijntjes voor op school. Handgeschreven kaarten om de dag van de liefde te vieren. Vol overgave gemaakt door middelste. Vol tegenzin door jongste. De hanenpoten zeggen toch iets liefs. Straks in de brievenbus op school, instrueer ik lief voordat hij met de meute vertrekt. En een kus. Oudste slaat haar armen om me heen, middelste kust drie keer scheepsrecht en kleine man kan er niet aan ontsnappen.

De dag van de liefde. Dan mag je best nog even terug naar bed. Nog even soezen voor er een wasmachine moet gevuld en een boodschappenlijstje geschreven. Een telefoontje van mijn moeder. Ze noemt me Valentijntje. Ik glimlach en begin voor de tweede keer aan de dag. Met vriendinnen app ik grappen over anonieme liefdeskaarten en rode rozen die de voordeur blokkeren. De werkelijkheid ziet er iets anders uit. De Hartstichting bedankt me met een liefdevol kaartje en Vodafone stuurt een liefdes-sms naar vriendin T. met tien euro korting. Priceless!

De rest van de dag draait door. De zon door de ruit, naar school, boterhammen eten met J. en T. om ze daarna weer af te leveren bij T. want daar is net een nieuwe huisgenoot in de vorm van een kitten. En T. is verliefd op het kleine beestje. Voordat ze gaan, hebben de twee vrienden het nog over verliefd zijn en T. bekent dat, toen hij het was het niet durfde te zeggen. Ik denk aan J. en hoe hij dat vorig jaar wel durfde. Ik glimlach.

De dag van de liefde om net dat zetje te geven. Anoniem misschien maar in de hoop dat je wordt gezien. De dag van de liefde om de romantiek te vieren. Groots en meeslepend misschien. De dag van de liefde. Interessant voor zakelijk gewin. Maar toch, de dag van de liefde. En als liefde centraal staat heeft hij voor mij een streepje voor. Er valt nog een kaart op de mat. Anoniem, maar ik denk dat ik weet van wie.

Ik ben blij dat jij er bent. X

Ik glimlach voor de zoveelste keer vandaag. Ik denk aan lief die Valentijn maar commercieel vindt en hoe ik hem toch kan verrassen. Weer eens een keer naar de film? Maar nu nog een oppas regelen gaat niet lukken. Uit eten? Maar eigenlijk doe ik mezelf daar meer plezier mee dan hem na een dag werken. Een Valentijn lekkere-hapjes-maal en dan iets star-wars-trak-achtigs op tv? Meteen ook feest voor kleine man!

De dag van de liefde. Een dag om even stil te staan bij die ene of die vele allerliefsten waarvan je zo blij bent dat ze er zijn. Zeg je het ze? Met een kaartje. Een roos. Een groots gebaar of een klein. Of gewoon met woorden. Of zo.

woensdag 7 februari 2018

Ik moet nog even kijken of ik kan

Een week lang lag ik in bed. Met griep. Weinig goed gezelschap kan ik je vertellen. Maar hoewel hoofd tenminste één keer per dag besloot dat het welletjes was geweest, kon het lijf niet overtuigen. Na een paar dagen sukkelen sprak lief de wijze woorden om er gewoon maar aan toe te geven. Dus ik lag en sliep. Ik lag wakker en rochelde. Ik woelde en ik zuchtte. Na een paar dagen lukte het me een beetje om te lezen. Ik moet nog even kijken of ik kan, was de titel van het boek op mijn nachtkastje. Ik begon en legde het niet meer weg. Was mijn griep toch nog ergens goed voor. Terwijl ik hardop lachte - dat natuurlijk overging in een hoestbui - had ik een feestje van herkenning in eigen bed. De schrijfster schreef de stille revolutie van de introverte mens. Hear hear!

Hoewel ik het boek niet nodig had om te beseffen dat ik meer introvert dan extrovert ben, was het toch fijn om erover te lezen. Omdat we - denk ik - in een wereld leven die meer extrovert is en dat bepaalde verwachtingen en invullingen met zich mee brengt. Hoewel het minder is nu ik ouder ben, heb ik me best regelmatig anders gevoeld. Ongezellig als ik niet per se de behoefte had in het weekend in een stampvolle kroeg te staan. Raar als ik een beetje pijn in mijn buik had voor een kennismakingsweekend of persreis. Niet sociaal als ik liever in het zonnetje op het schoolplein sta dan koetjes en kalfjes uitwissel met de andere ouders.

En ik ben sociaal. En ik houd van gezelligheid. En als je me iets beter kent, weet je ook dat ik oren van hoofden kan kletsen. Maar ik ben denk ik iets kieskeuriger met wie, wanneer en in welke vorm. Heeft ook niet eens zozeer met de ander te maken maar vooral met mij. Vaak op zoek naar diepgang. Behoefte aan tijd voor mezelf (of met mijn allerliefsten). En pas echt mezelf als alle 'randvoorwaarden' kloppen. Kloppen ze niet, dan weet ik zeker dat je niks doorhebt hoor, als je me tegenkomt. Ik babbel op elke borrel. Vat de koe heus bij de horens op het schoolplein en houd me ook staande in een stampvolle kroeg. Maar het is niet wat ik het liefste doe. Ik haal energie uit andere dingen. Een echt goed gesprek met iemand waar ik een connectie mee heb. Een wijntje in de kroeg met mijn lief en dat we dan kunnen zitten en ik naar andere mensen kan kijken. Grapjes over de WhatsApp maar dat ik niet hoef te bellen. Een afspraak die op het laatste moment niet doorgaat en het dan even voelt alsof ik een vrije avond cadeau heb gekregen (ook al heb ik de afspraak zelf gemaakt en had ik er gewoon zin in).

Niet raar. Niet ongezellig. Niet niet sociaal. Wel meer introvert dan extrovert. En wat benijd ik ze soms. De extroverts. Ik heb ze gelukkig om me heen verzameld en ben er zelfs met eentje getrouwd. Zo kan ik hem regelmatig vragen hoe het werkt bij hem om vervolgens te constateren dat het bij mij dus heel anders werkt. Dat levert grappige gesprekken en inzichten op. Zeker omdat ik met hem durf te delen wat er in mijn hoofd omgaat. Daarvoor moet ik soms nog wel een drempel over. Vanwege de extroverte lat die ik als norm voor mezelf heb gesteld. Ooit. Daarom word ik zo blij van het boek van Liesbeth Smit en zou ik willen dat het iedereen het las. De introvert, de extrovert en de ambivert. Ja, die is er ook nog want je dacht toch niet dat het zwart wit was. Gelukkig niet en dat is het boek allesbehalve. Het is wel een beetje een ode aan introversie als karaktereigenschap. En dat mag best. Omdat we uit onszelf nou eenmaal niet zo snel op dat podium en in de spotlichten gaan staan. Opschrijven is dan een stuk makkelijker (zei de blogster).

Hoe herken je een introvert, vraag je je nu misschien af? Ze zijn meestal 1 meter 78 met blond warrig haar en groene ogen. En ze zijn vooral ook heel grappig... Niet in een hokje te stoppen natuurlijk, maar het is in ieder geval niet de vriendin die tijdens het carnaval als eerste de polonaise inzet. (Carnaval? Ik had toch afgezegd!) Misschien is het wel de vriendin die je net de hele avond hebt gesproken en die jou zo fijn doorvroeg naar je leven maar - bedenk je nu je op de terugweg bent - zelf eigenlijk niet zoveel heeft verteld. Misschien is het die schijnbaar saaie moeder op het schoolplein die zich een beetje afzijdig houdt, maar in haar hoofd een verhaal bij iedere vader en moeder heeft verzonnen. Je zou er eens naar kunnen vragen, maar als je haar daarna vraagt of ze een keertje koffie wil drinken, wees dan niet verbaasd als haar antwoord is: "Eeh, ik moet nog even kijken of ik kan".

Introvert zijn heeft - net als extravert zijn - mooie en lastige kanten. Ik wens mezelf soms een spontaan en makkelijk iemand ook zonder de 'randvoorwaarden' die nu zo van invloed kunnen zijn. Tegelijkertijd heb ik vaak goed gezelschap aan mezelf en ben daarin niet zo afhankelijk van anderen. Mijn behoefte aan diepgang levert vaak mooie gesprekken en ontmoetingen op. Ik houd van de wondere wereld die achter boeken schuilgaat en kan me daarin verliezen. En ik ben gezegend met een paar goede vrienden die inmiddels begrijpen hoe ik in elkaar steek (toch?).

Ouder en wijzer heb ik ze inmiddels ontdekt en omarmd: the perks of being a wallflower.





woensdag 17 januari 2018

12 + 15 = geluk

In het eerste weekend van elk nieuw jaar vieren we de verjaardag van de meiden. De oudste heeft de hare dan net achter de rug (30 december) en middelste heeft de hare bijna voor de boeg (vandaag!). Dat we het zo vieren doen we al een tijd. Met opa L. die onze vuurkorf in de tuin opstookt met eigen en gevonden kerstbomen. Opa H. die hem gezelschap houdt en de schare kinderen die om de rookwolken dwarrelen in de gaten houdt. Met vrienden en familie die dagelijks deel uitmaken van ons leven en vrienden en familie die we te weinig zien en waarvoor dit feestje een goede gelegenheid is.

Ook dit jaar keek ik met liefde en lichte verbazing naar ons gezin temidden van de drukte. Samengesteld hoewel ik samengebracht door liefde een beter stempel vind. De oudste heeft inmiddels haar eigen vrienden erbij, terwijl middelste ervoor zorgt dat ze haar aandacht over alles en iedereen eerlijk verdeelt. 12 + 15 en al bijna 10 jaar in mijn leven. Van kleine krul naar grote krul schreef ik in de verjaardagskaart van middelste, die ze vanmorgen met moeite ontcijferde vanwege mijn onleesbare handschrift. "Je moet ook altijd zoveel schrijven", mopperde oudste liefdevol.

Woorden om te vangen wat me zo dierbaar is. Ze weten het. Ze kennen me. Omgekeerd ken ik ze inmiddels ook. Alsof ik ze zelf gemaakt heb, grap ik wel eens. 

Hun eerste stapjes gemist, maar oneindig veel andere stapjes van dichtbij meegemaakt. Hoewel ik soms mis hoe klein ze waren, geniet ik ook van deze fase. De gesprekken met oudste, haar grappen en eigenzinnigheid. En hoewel de benen van middelste elke dag een beetje langer worden, is ze vaak nog mijn kleine meisje dat houdt van knuffelen en voorlezen. Een zonnetje in ons gezin. Soms probeer ik me voor te stellen hoe ze straks na de zomer op haar fiets springt om naar de middelbare te gaan. Vrolijk en vol goede zin, denk ik. En af toe te laat, grinnik ik erachteraan. Dan lijkt ze toch een beetje op mij. 

12 + 15, zussen en toch een wereld van verschil, nog altijd. Hoewel, jullie zijn allebei de allerliefsten. Mijn allerliefsten! Ik wilde het toch even opgeschreven hebben. 


Niet uit mijn buik, wel in mijn hart. 




donderdag 4 januari 2018

Afscheid

Afscheid. Het hoort bij een samengesteld gezin als de piek op een kerstboom. Niet zo zwaar als het klinkt maar ook niet zo feestelijk als de piek. Vaak is het een beetje wat het is en soms is het vervelend. Ik besefte het toen ik afgelopen week de meiden naar hun moeder bracht. Voor mijn gevoel waren ze nog maar net bij ons. De feestdagen hadden het vertrouwde ritme door de war geschopt. De verjaardag van oudste een dag later ingehaald met scones voor de lunch om daarna alweer op te schieten voor het Oud & Nieuw feestje. De eerste dag van het jaar telde eigenlijk niet mee en daarna was de Efteling bezocht en bleven we slapen bij vriendin W. Gezellig, maar na het ontbijt moesten de spullen alweer bij elkaar gezocht en hun kleine broertje en de neefjes van W. gedag gezegd. Nog een snelle kus voor mij voor de deur van mama en tot zaterdag!

Elk gezin neemt afscheid van elkaar. Dagelijks zelfs. Voor het naar school en werk en slapen gaan. In een samengesteld gezin is het anders. Dan zeg je voor wat langer gedag. Je brengt spullen heen en weer en kust ze nog maar eens extra terwijl je bedenkt of ze er alweer zaterdag zijn of zondag. Je neemt afscheid op Eerste Kerstdag omdat ze Tweede Kerstdag bij mama vieren. En mama wensen ze alvast een fijn Oud & Nieuw omdat ze dan bij papa zijn. Dag lieverds, ik hou van jullie. Veel plezier met het uitpakken van de kerstcadeaus. En zijn jullie voorzichtig met vuurwerk?

In de normale weken valt het minder op. Hoewel ons huis op woensdag er altijd een beetje stilletjes van is. Maar tijdens vakanties en feestdagen valt het afscheid nemen soms zwaar. Dan is lief net zo stilletjes als ons huis op woensdag. Dan moppert kleine man als hij het na zoveel samen en gezelligheid weer moet stellen zonder zijn zussen. Ik mopper in gedachten mee en leg mijn hand op zijn hand. 

"Nog maar een paar dagen en dan zie je ze weer." 
"Het is niet eerlijk", concludeert hij. 

Maar dat is het wel. Eerlijk verdeeld tussen twee gezinnen. In theorie. De praktijk is iets weerbarstiger. Soms. 


Elke week een keer afscheid nemen, maar ook elke week een 
daar-zijn-jullie-weer!



Verhuisbericht

Mijn blog is verhuisd naar dagelijksedingen.blog Zie ik je daar?