Posts tonen met het label liefdesbrieven. Alle posts tonen
Posts tonen met het label liefdesbrieven. Alle posts tonen

zondag 16 augustus 2020

10

 Soms denk ik je vooruit. Dan mijmer ik over hoe je als puber, met te lange benen en armen misschien, als student, serieus en onderzoekend misschien, als volwassen man, verliefd en vader misschien.

Soms denk ik je achteruit. Aan de eerste keer dat ik je zag. Je wiebelende stapjes. Je schaterlach. Je eindeloze mama's en mollige armpjes die zich naar me uitstrekten. Herinneringen draaien rondjes als de groeven in een langspeelplaat. 

Maar meestal kijk ik naar je zoals je nu bent. Omdat ik weet hoe snel het gaat en ik liever niet teveel wil missen. Dan schrijf ik het op. Of ik leg het vast. Klik! Je blik. Je stem. Stiekem, want van jou hoeft het niet zo. Voor later, leg ik uit. Soms wil je er dan wel even voor zitten. Haar goed en blik op, nouja hoe bijna-tieners kijkers. Dat weet jij beter dan ik. 

Ik zie gewoon jou. De gouden vlekjes in je ogen. De sproeten op je gezicht die deze zomer ontelbaar zijn. Je haar dat niet kan kiezen tussen rossig of blond.

Je eigenheid en eigenwijsheid. Je gedachten die vragen om begrepen te worden. Ooh.  Je zachtheid. Je aarzeling voor denkbeeldige drempels. Je uitbundigheid er eenmaal over heen. Je gezien willen worden. Schatzoeker van woorden. Kletskous sinds je kunt praten. Over van alles. Met opa. Met beste vriend T. Met mij. Dan maak je plannen en wens je dat alle oude mensen voor altijd gezond blijven. Dan droom je jezelf in Nike van top tot teen terwijl je een vliegende Tesla bestuurt. Uit de boxen klinkt muziek waarvoor je mij inmiddels te oud schat. Van wiebelige stapjes naar voorzichtig stoer.

Vandaag ben je jarig en maak je al 10 jaar mijn leven licht. Of eigenlijk plus negen maanden, waarin  je als Lampje in mijn buik woonde. Een lichtje ben je nog steeds. Stuiterend, schaterlachend en stralend op je zevenmijlslaarzen. Ga maar, ik houd je wel bij. Je wereld wordt steeds groter dus niet altijd meer in mijn zicht. Maar altijd in mijn hart. Weet je nog hoe we dat vroeger oefenden omdat je bang was dat je me op school zou missen. Gewoon je ogen dicht doen, dan zie je me ook als ik er niet ben. Je probeerde het met ogen en vuistjes dichtgeknepen. Teleurgesteld vertelde je later aan oma dat je daar nog te klein voor was. 

Zou je het nu wel kunnen? Jij vraagt je andere dingen af. Of je de hele nacht wakker zou kunnen blijven. Met een kop echte koffie en dutjes overdag als voorbereiding. En waar we in godsnaam je cadeaus dit jaar hebben verstopt. En wat er gebeurt in het geheime-appgroepje dat we hebben aangemaakt voor je verjaardagsfeestje. En dat uitdelen minder leuk is in coronatijd. En, en, en...

Lieve grote kleine man, hiep hiep hoera!
Ik van jou.
Met mijn ogen dicht
en dan snel weer open om niks te missen.


De tekening voor het geboortekaartje dat vriendin P. 10 jaar geleden voor ons maakte. 

maandag 23 december 2019

De liefste

Terwijl haar krullen springen, staat haar gezicht op standje heus niet. Bijna 14 en het puberen op de loer. Dus zegt ze B op mijn A en kijkt me ondoorgrondelijk aan als ik probeer uit te vissen wat er achter haar blik schuilt. Wanneer ik het probeer in te vullen, krijg ik meestal een 'nee hoor' of een 'helemaal niet', wat ze kan zeggen als geen ander in ons gezin. Ik denk aan toen ze klein was en ook als de beste kon zuchten als er iets niet ging zoals ze wilde: 'uhuaaa'. Een oerzucht die we er lang in hebben gehouden. Tot haar grote plezier. Maar als we nu oefenen op de juiste klemtoon van de 'hélemaal niet', krijgen we een opgetrokken wenkbrauw.

Waar haar kleine broertje en grote zus de oren van onze hoofden kletsen, is middelste zuinig met haar woorden. Ze is graag alleen met haar gedachten. Dan zijn we haar zomaar een tijdje kwijt als ze even naar boven is om iets te pakken. Meestal zit ze dan in haar kamer  te mijmeren op haar stoel. Haar lange benen opgekruld en geklemd tussen haar lange armen. De tijd vergeten. Gewoon. Meer mindful dan middelste ken ik ze niet. Ik probeer van haar te leren maar wordt meestal pijnlijk geconfronteerd met mijn ongeduld. Waarom, hoor ik haar denken maar ze zegt het niet. Ze trekt een gek gezicht want dat kan ze als de beste. Ik lach en zie weer een flits van het kleine meisje dat zo mijn hart in wandelde. De krullenbol met haar onvoorwaardelijke vertrouwen waar ik zo vaak om heb moeten lachen. Nog steeds kan ze onverwacht grappig en origineel uit de hoek komen. De wereld door haar ogen. Geen ruimte voor onrecht en gedoe. Als het aan haar zou liggen. Meelopen doet ze niet. Met niemand. En niet alleen omdat ze net even staat te dromen.

Ik vind haar stoer, deze puber in de dop. Het meisje dat vroeger altijd net één stap achter de rest van het gezin aan hobbelde. Met ontbijt. Met aankleden. Met jas aantrekken. Soms liep ze op haar sokken naar de auto met haar schoenen nog in haar hand. Net op tijd. Maar waarom die haast, zag je haar denken. Tsja, waarom? Het leven wacht ook op je als je niet stipt op tijd bent. Zij is het bewijs als ik haar doordeweeks vroeg naar school zie fietsen waar ze de mooiste cijfers en liefste vriendinnen verzamelt. Op het Winterfeest vlak voor de vakantie danste ze de hele avond.

Bijna 14 en het puberen op de loer. Ik vind het moeilijk, maar weet dat ik meer moet loslaten. Gewoon vertrouwen maar. Dat het goed zit. Met haar. Tussen ons. Ook als ze niet vertelt en ik haar probeer te vinden onder haar ondoorgrondelijke blik. Bij het onderstoppen bespreken we nog steeds de vraag van de dag. Ik met een filosofische blik, volgens haar en zij met haar eigen blik. Soms lezen we onze antwoorden van een paar jaar geleden, dan lijkt het ook haar te verbazen hoe groot ze al is. Ze lacht om haar jongere ik.

Ik zucht een zacht verlangen en hoop dat ze me niet hoort. Zuchten is nu aan haar.








woensdag 4 december 2019

Lief

Knijp in mijn arm lief want je bent 50 vandaag. Vijf-tig! Het maakt op jou geen indruk. Voor altijd jong ook al vertelt de buitenkant een ander verhaal. Wat grijzer, wat kaler, wat vermoeider dan die eerste keer dat ik je zag. Toen was je 17 jaar. En nu heb je een dochter van bijna 17, over krap vier weken knijpen we in elkaars arm. Tijd vliegt, maar wat valt er veel te beleven onderweg. En wat hebben we een voorpret gehad toen vriendin T. vorig jaar op jouw verjaardag een app-groepje aanmaakte met de voorbode 'Sjaak 50'. De man die sinds zijn 18e zijn verjaardag niet meer viert, dacht er ook deze keer aan te ontkomen. Geen verrassingen, want dat had je al lang doorgehad, vertelde je me gisteravond nog terwijl ik mijn meest neutrale blik keek. Een paar minuten later ging de bel. Jouw verbazing en daaropvolgende lach? Priceless. En de stoet mensen die met feesthoedjes op hun hoofden ons huis binnen marcheerde, zingend en lachend. Nog iets meer. Je krijgt wat je verdient, lief. Van baksteen, maar wij weten toch beter. Dus knalde de champagne om 12 uur én de confetti-bom van vriendin W. We proosten en het Spotify-lijstje dat we voor je maakten ging op volume buren-ruzie: Nothing Else Matters.

En vandaag? Geen verrassingen meer? Had je gedacht! Maar één ding is zeker, ook vandaag. Ik hou van jou!


zondag 24 november 2019

Mama

Ik hoor vaak dat ik op je lijk. Hoewel ik het graag zou willen, zag ik het nooit zo. Tot je me laatst een foto stuurde en de gelijkenis me trof. Ik begreep ineens wat anderen bedoelde. Aan de buitenkant. Waarom zag ik het niet eerder? Ik denk dat ik anders naar je keek. Een optelsom van de liefde. Zoveel meer dan alleen de buitenkant. Dat wat ik bewonder en wat ik weet. Dat wat ik begrijp en soms ook niet. Je mooie kanten en de minder mooie. Je doen en je laten. Je willen en je wetens.

Je bent een caleidoscoop. De moeder van vroeger - toen we nog kinderen waren - gaat over in die van nu, van een volwassen man en vrouw. Grote liefde van papa en een schoonmama. De allerliefste oma, ook met stief ervoor. De beste vriendin van a lucky few. De vrolijke noot die zich lastig laat kraken. De Florence Nightingale die een leven lang zorgde en het nog altijd niet laten kan. Wie zorgt er straks voor jou? De wijze en nog veel eigenwijzer. Nieuwsgierig maar discreet als geen ander. Al mijn geheimen zijn veilig bij jou. Hoeder van harten en een hart groot genoeg. Een knapperd. Elke ruimte licht een beetje op als jij binnenkomt. Het is magie van de beste soort. De lolbroek met een lach waardoor de kinderen alleen met jou enge films durven kijken. De fanatiekeling met spelletjes en voetbal. De luisteraar, ook tussen de regels door. De dromer met hier en daar wat spijt. Schrijver van de mooiste brieven, al toen ik op schoolreis ging en jij ze in mijn koffer verstopte. Snel ontroerd door muziek en zinnen. Ik wou dat geluk een ding was en dat ik het ergens vond en mee naar huis nam. Dat heb ik van jou. Vast. Boekenwurm en zendelinge van moois. Ik zeg niets...

Je maakte van mij een bofkont bij geboorte. Want hoewel ik als baby vast al een denkrimpel had, maak jij mijn leven licht. Alles wat liefde krijgt, groeit. Verklaart dat waarom je nu omhoog moet kijken als je mij een kus geeft. Vandaag vieren we dat je 75 jaar bent, mama. Geweldig en overweldigend tegelijk. Want tjonge, 75 jaar...

Ouderdom laat niet alleen rimpels achter, ook de binnenkant wordt zichtbaar aan de buitenkant. Een zachtaardige blik. Een flikkering van verdriet. Een dappere mond. Een slordig geworden kuiltje.  Vervaagde sproeten. Lachrimpels. Hoekige heupen van het vele dansen. Een arm die alleen nog wil zwaaien als de koningin. IJdelheid die nooit verdwijnt. Een rechte rug. Dwarse voeten. Ze herinneren aan al die jaren. Je draagt ze met je mee. In je hoofd, in je hart en op je lijf. Trots. Gezegend.

Lieve mama, ik hoor vaak dat ik op je lijk. Ik hoop het.

dinsdag 1 oktober 2019

Hoge hakken, echte liefde

Helaas heb ik er nooit op kunnen lopen. Op hoge hakken. Mijn moeder wel. Als ik mijn ogen dicht doe, zie ik haar weer voor me zoals ze vroeger was. Mooi opgemaakt, dik blond haar, hippe kleren en hoge hakken, waar ze op liep alsof het gympies waren. Klaar om naar haar werk te gaan of naar een feestje. Dan kuste ze me gedag en rook de kamer naar L'Air du Temps van Nina Ricci, weet ik nu, toen rook het gewoon naar mijn moeder.

Als ze ging werken - dat deed ze drie avonden in de week bij de PTT (toen er nog heel veel post werd verstuurd) - gingen mijn vader en ik voor het raam staan om naar haar te zwaaien terwijl ze op de bus of in de auto stapte. Standaard verzuchtte mijn vader dan dat mijn moeder zo'n knappe verschijning was en ik kon niet anders dan het met hem eens zijn. Als mijn moeder met de bus was, zorgde mijn vader dat hij haar na het werk met de auto ophaalde. Ze werkte tot laat en mijn vader moest voor zijn werk vroeg op, maar toch. Ook toen ze haar rijbewijs had gehaald en zelf heen en weerde, bleef mijn vader wakker om nog wat te drinken en te kletsen zodat ze niet in een slapend huis thuis kwam.

Dat was heel gewoon voor mij als kind. Net als dat mijn moeder -voordat ze naar haar werk ging - het eten klaar had staan en mijn vader het alleen nog maar moest opwarmen als we iets later aan tafel gingen. Mijn vader zijn enige specialiteit zijn frietjes, die hij zelf schilt, snijdt en bakt en die inmiddels ook favoriet zijn bij zijn kleinkinderen. Maar buiten de keuken kan hij maken wat zijn ogen zien. Zo timmerde hij het tuinhuisje waarin we eindeloos veel zomers doorbrachten, de bedden in onze kinderkamers, bureaus op maat en op de groei en weer wat nieuws bij de volgende fase of gril. Hij haalde en bracht ons van A naar B en als nodig naar Z. Met liefde. Krant mee en de radio afgestemd op zijn favoriete muziek. Ruzie was er zelden. Hooguit wat gemopper dat altijd weer werd overstemd door liefde en lachen. Want dat werd er veel bij ons thuis, gelachen. Om elkaar, om verhalen, om running gags, om een boekje met brieven waaruit we elkaar tijdens het eten voorlazen tot de tranen over de wangen van mijn ouders liepen.

Mijn moeder bewaakte onze harten met thee, een luisterend oor en (ant)woorden die verraadden dat ze ook in ons hoofd kon kijken. Thuis was de plek waar we mochten zijn wie we waren en meer, want ook dat zagen mijn vader en moeder in mijn broer en mij. Mijn lieve Italiaanse (ook al is ze er niet geboren), stoere mama en mijn zachtaardige, sterke papa die het boeddhisme bedacht zou kunnen hebben zonder er ooit een woord over te hebben gelezen. Vandaag zijn ze 55 jaar getrouwd. En nog steeds lachen ze samen de tranen over hun wangen. Nog steeds kan mijn vader verzuchten dat hij bij kans de knapste vrouw ter wereld heeft getrouwd. Nog steeds bewaakt mijn moeder het hart van mijn vader.

Liefde was het begin én het antwoord. Mijn nest, mijn geluk.


donderdag 19 september 2019

Lievs

Niets maakt me zo gelukkig als een brief door mijn bus, schreef ik gisteren. En wat denk je... vandaag ligt er een brief op mijn mat! De magie van het wensen lijkt net zo betrouwbaar als de magie van het schrijven. Het keurige handschrift op de envelop herken ik uit duizenden en mijn hart maakt een sprongetje. Een bericht van mijn kleine grote man die voor de allereerste keer een week op kamp is. Dit lekkers kan ik niet bewaren voor later. Met mijn jas nog aan, scheur ik de envelop voorzichtig open. Met halen en lussen en op zijn aller netst vertelt hij over hoe leuk en hoe spannend en hoe het van slapen niet echt komt. We krijgen maar liefst tien kusjes en een zachtaardige

Lievs

Ik glimlach en zie hem de brief in de envelop stoppen, ongeduldig inmiddels want de beek, het bos en het kampvuur wachten. Deze brief gaat bij de brieven die we kregen van zijn twee zussen. Toen zij op kamp waren en met hun eigen halen en lussen dat geluk in een envelop stopten om met ons te delen. Voor later, zoals voor mij de brieven die mijn moeder bij elk schoolreisje en toen ik volwassen was bij elke reis die ik maakte onderin mijn koffer verstopte. Geluk.

Ben jij al begonnen aan een brief?



woensdag 18 september 2019

Liefste

Wil je mij gelukkig maken? Schrijf me dan een brief. Handgeschreven met een datum en plaatsnaam in de hoek. Liefste of Beste of een vrolijk Hallo! In mijn hoofd is het voltallige concertgebouworkest al gaan zitten. Tromgeroffel klinkt terwijl ik het niet kan laten de blaadjes te tellen die de brief beslaan. Misschien stel ik het moment van lezen nog even uit zoals je soms het lekkerste voor later bewaart. Dan wacht er op mijn nachtkastje een brief voor het slapen gaan en de gedachte alleen al geeft de dag een gouden randje.

Ik heb veel brieven geschreven en ik heb er veel gekregen. Grappige, ontroerende, lange, korte, liefdes, moeilijke, eerlijke en dappere. Stuk voor stuk bijzonder omdat de afzender je iets van zichzelf geeft. Dat is de magie van een brief schrijven. Ga er maar eens voor zitten en kijk wat er gebeurt.

Gisteren in DWDD zat Jet Steinz aan tafel. Ze stelde het boek P.S. samen met de (volgens haar) 150 opmerkelijkste Nederlandse brieven. Wat een feest, dacht ik, tegelijk met waarom heb ik dit boek niet bedacht en samengesteld. Ze was in archieven gedoken en vertelde vol liefde over elke brief in haar boek dat ze kende bij hart. Samen met Matthijs wenste ze dat mensen weer meer brieven gingen schrijven. Amen, mompelde ik.

Dus, wil je iemand gelukkig maken? Schrijf dan een brief. Handgeschreven met een datum en plaatsnaam in de hoek. Je kunt beginnen met Liefste of Beste of een vrolijk Hallo! En dan komt de brief vanzelf. Zul je zien. Het is magie van de aller betrouwbaarste soort.

vrijdag 14 juni 2019

Zorg je goed voor jezelf?

Zorg je goed voor jezelf?
op school
op het plein
wanneer je in bomen klimt

Zorg je goed voor jezelf?
op de fiets
over de drukke weg
in de stad

Zorg je goed voor jezelf?
als je met anderen bent
voorbij mijn horizon
op avontuur

Zorg je goed voor jezelf? 
als je twijfelt
verdrietig bent 
of boos

Zorg je goed voor jezelf?
als ik even niet oplet
vertrouw
je weet het wel

Zorg je goed voor jezelf?
straks
met hem
of met haar

Zorg je goed voor jezelf?
als je het niet kan
delen
of wil

Zorg je goed voor jezelf?
als je later
groot
en daar

Zorg je goed voor jezelf?
als ik er even niet ben
even maar

Zorg je goed voor jezelf?
omdat je mijn alles
toch

Zorg je goed voor jezelf?
altijd
ook als ik het niet kan
want ik hou

Zorg je goed voor jezelf?
voor mij
voor jou


zaterdag 27 april 2019

Fluwelen stoeltje

Terwijl de stad zich opmaakt om te feesten, vieren wij onze liefde. Zeven jaar getrouwd maar al zoveel langer in elkaars hart. Met onze hoofden onder het dekbed, vertel je me dat je je leven niet zonder mij kunt voorstellen. Ik grinnik en zeg dat dat hopelijk niet hoeft. "Zeven jaar erbij dan maar", vraag ik. "Vooruit", geef je toe, terwijl je ons in je hoofd zeven jaar ouder rekent. "Stop", zeg ik, ik wil het niet weten, want de tijd gaat al te snel. Nu grinnik jij. "Als jij de nacht bent, ben ik de dag. Of andersom." Ik weet meteen wat je bedoelt en nog iets dieper onder het dekbed vullen we elkaar aan:

"Ik ben een dromer."
"Waar ik praktisch ben."

"Ik hang de slingers op."
"Waar ik je stoel vasthoud."

"Tijd is flexibel."
"Haha, echt niet."

"Elk nadeel heeft zijn voordeel."
"Maar elk voordeel heeft ook zijn nadeel."

"Ik geloof in de goedheid van mensen."
"Misschien moet ik minder het nieuws volgen."

"Jij bent de lastige", lach je. "Puh", weet ik even geen antwoord. "Jij bent de liefste", moet ik dan toegeven. "Eenmaal achter dat bakstenen muurtje", vul ik gauw aan. "Daar zit je heerlijk uit de wind", lach jij. Ik trek het dekbed weg om je bruine ogen te kunnen zien. Zoveel ouder dan die eerste keer dat ik je zag maar niets veranderd.  In mijn ogen.

Liefde maakt blind, zou jij zeggen. Ik zou het anders zeggen. Liefde maakt alles mooier. Jij maakt alles mooier. Van baksteen, maar als je eenmaal achter dat muurtje bent. En daar zit ik al een tijdje. Op een stevig stoeltje van fluweel. Ik blijf nog even zitten.






woensdag 10 april 2019

I LOVE YOU - STOP.

Ooit stond ik tot middernacht in de copyshop brieven te kopiëren die vriend M. mij gedurende zijn jaar in Berlijn had geschreven. Elke brief bestond uit minimaal 10 velletjes en soms wilde hij zoveel vertellen dat het er 20 werden. We schreven elkaar zeker elke maand, als niet vaker. Omdat hij ging trouwen - zijn liefde ontmoette hij in Berlijn - leek het me leuk als hij de briefwisseling van dat bijzondere jaar compleet had. Brieven waarin we elkaar openhartig verslag deden van ons leven. Anders dan als we elkaar in het echt zagen. Zijn schrijfsels heb ik bewaard, natuurlijk, tussen alle andere brieven die ik ooit kreeg. Van beste vriendin P. als ze drie lange zomerweken bij haar familie in voormalig Joegoslavië doorbracht, maar ook talloze kattebelletjes en hersenspinsels tussendoor.  Van lief, toen we nog beste vrienden waren en hij mijn eindeloze schrijfsels beantwoordde met korte maar vooral erg grappige A4-tjes. Van eerste liefde A., een liefdesbrief maar ook een goedmaak-brief. Van vakantieliefde C. een lange-afstand-liefdesverklaring in gebrekkig Engels. Hij deed het nog eens bondig over in een telegram:

I - STOP - LOVE -STOP - YOU.

C.

Met mijn moeder schrijf ik brieven sinds ik moeder ben geworden van kleine man. Hoewel ik dacht haar al door en door te kennen, hebben deze brieven haar een andere dimensie gegeven. Dierbaar. Toen ik klein was, schreef ze me al. Dan vond ik een brief in mijn tas als ik op schoolreis was of later op een verre reis. Mijn vader schreef dan ook altijd een of twee velletjes vol. Brieven, het woord alleen al vind ik mooi. Een belofte. Een envelop op de mat met je naam en adres handgeschreven. Geluk. Iemand heeft aan jou gedacht en tijd vrijgemaakt om je te schrijven. Meestal doe ik even mijn ogen dicht om diegene te zien zitten met pen en papier. Dan begint de brief heel netjes en piept halverwege het echte handschrift erdoorheen waardoor je soms moet puzzelen en bedenken dat lusjes vast en zeker kusjes zijn. Nog niet zo lang geleden kreeg ik een brief van vriendin S. waardoor ik heel even bij haar in Spanje was en haar dagelijkse bezigheden. Anders dan de digitale berichtjes die we elkaar ook sturen.

Omdat ik zo van brieven houd, schrik ik van het bericht op Radio 1, dat - na het verdwijnen van veel brievenbussen - nu ook gekeken wordt naar de mogelijkheid brieven voortaan te scannen en digitaal  te versturen. Een alternatief is een centraal afhaalpunt in de buurt. Het laatste hoop ik terwijl ik mijn eerste teleurstelling wegslik. Daar wil ik dan wel werken. Een klein winkeltje met postvakjes tot aan het plafond. Hoopvol komen buurtbewoners binnen. Is er een brief voor ze gekomen? Als ik ze een paar weken heb moeten teleurstellen, adviseer ik ze zelf pen en papier ter hand te nemen en een begin te maken. Schrijf iemand van wie je veel houdt en vergeet het PS niet. Daarin stel je een vraag die alleen per brief te beantwoorden is. Die vraagt om het geduld van een wit papier. Van even ervoor  zitten, aan de ander denken en aan dat wat je wilt zeggen maar misschien nog nooit hebt gedaan. In mooie en afgewogen zinnen. In mijn afhaalwinkeltje  verkoop ik briefpapier en enveloppen in alle kleuren en pennen die het schrijven makkelijk maken. Je kunt er koffie drinken en appeltaart eten en zitten bij een tafeltje aan het raam. Aan een prikbord hangen vrolijke kaartjes met penvriend/in gezocht. De postvakjes vullen zich al gauw met brieven en ik moet iemand aannemen omdat...

Krijg jij wel eens een brief?  Schrijf jij wel eens een brief?

Als je het vandaag doet, kun je 'm nog ouderwets op de post doen. Gaat een postbode 'm bezorgen. Valt hij morgen of overmorgen op de mat. Geluk. En voor je het weet zit er ook iets in jouw postvakje.


Briefgeluk

vrijdag 15 maart 2019

Mogelijk

Grote kleine man is vrij. De leraren van zijn school staken. Eigenlijk zouden we er ook moeten staan, maar J. vond de klimaatmars wel even genoeg. In gedachten dus en met iets van lichte schaamte sta ik achter ze, al die hardwerkende leerkrachten die alle dagen van de doordeweekse week onze kinderen onderwijzen. Dat ze gehoord mogen worden, minder bureaucratie en hogere salarissen. Dat het onderwijs een betere plek mag worden. Voor iedereen die er werkt. En voor onze kinderen. Dat straks ook een deel van die kinderen het onderwijs in wil en kan. Gek eigenlijk dat er waarschijnlijk niemand is die het belang van goed onderwijs niet onderschrijft en toch... genoeg reden om de straat op te gaan.

Grote kleine man bouwt een achtbaan, van houten knikkerbaan- en treinspoor-delen. Later wordt hij misschien wel achtbanen-bedenker van onmogelijke achtbanen. Die gaan dan wel duizend kilometer per uur. Voor mensen die dat durven. Eerst mogen de knikkers oefenen. Op een niet zo onmogelijke achtbaan. Tikkend rollen ze zigzaggend door de houten geultjes. Het klinkt gezellig. Over de achtbaan heen stap ik voorzichtig naar de Sonos-geluidbox om ons favoriete nummer van dit moment harder te zetten: "Dont stop me now" van Queen.

"Als ik dit nummer hoor, denk ik dat ik alles kan", vertelt mijn achtjarige.
Ik knik: "Dat heb ik ook."

Terwijl de knikkers opnieuw aan de niet zo onmogelijke afdaling beginnen, komt er een gedachte op in de achtbanen-bedenker:

"Misschien was ik wel Freddy. In een vorig leven."
"Tja", twijfel ik hardop, "als je gelooft in reïncarnatie."

We zijn er even stil van.

"Als dat zo is, ontdekken we binnenkort wel jouw talent in de muziekschool."
"Ja", antwoord de gereïncarneerde Freddy afwezig.
"Misschien was je vader wel Freddy in een vorig leven."
Maar dat kan natuurlijk niet, wijst mijn zoon me terecht: "Papa heeft hem nog live zien optreden."
"Oh ja." Om te reïncarneren moeten dood en geboorte wel op logische volgorde plaatsvinden.

Terwijl J. aan een uitbreiding van de achtbaan bouwt, bedenkt hij alvast een naam voor de achtbaan die hij later gaat bedenken: Queen. Ik vind het een goed idee en kan het niet helpen een beetje te smelten bij de aanblik van vandaag.

"J. weet je dat ik heel veel van je hou?"
"Oke."
"Hou je ook veel van mij?"
"Ja, maar ik ben nu even bezig met mijn achtbaan."

Talent moet je niet teveel in de weg zitten. Net als dromen. Zaadjes zijn het. Van mogelijke bloemen. In alle mogelijke kleuren. In alle mogelijke maten. Van beroemde zanger tot achtbaan-bedenker of misschien wel leraar.  Met het juiste zetje is niks onmogelijk. Toch? Behalve dan dat ik ooit in die onmogelijke Queen-achtbaan stap.


I'm a shooting star, leaping through the sky
Like a tiger defying the laws of gravity
I'm a racing car, passing by like Lady Godiva
I'm gonna go, go, go
There's no stopping me

dinsdag 12 februari 2019

Voor Paulien

Afgelopen zondag werd ze Wereldkampioen op de 1.500 meter, Ireen Wüst. Voor Paulien. Ik hoor het pas als ze vanavond aan tafel zit bij DWDD. Ik zie de huldiging, haar tranen en haar opgeheven middelvinger waar ze een vriendschapsring draagt. Een opgeheven middelvinger naar de kanker, verontschuldigt Ireen zich.  Want eigenlijk is ze niet iemand van de opgeheven middelvinger, legt ze uit. De tranen staan in haar ogen als ze vertelt hoe ze deze wilde schaatsen voor haar allerliefste vriendin en ook schaatster Paulien van Deutekom, die begin dit jaar aan longkanker overleed. 37 jaar oud.

Voor Paulien. En ik denk aan jou. Mijn Paulien en mijn allerliefste vriendin van vroeger. Vandaag zou je 47 jaar zijn geworden. Maar je werd niet ouder dan 33. Kanker maakte een eind aan al je dromen en je schijnbaar onuitputtelijke energie. Ook jij was niet van de opgeheven middelvinger, maar tegen kanker... Pasgeleden nog las ik alle berichten die je schreef aan familie en vrienden in het laatste jaar dat je leefde. Waarin de hoop tussen de regels door langzaam plaats maakte voor wanhoop. De kanker won, maar jij nam uiteindelijk de regie over wat er nog te regisseren viel. Zoals bij je paste. Mijn stoere, grappige en lieve vriendin. Wat had ik vandaag graag met je geproost op het leven. Op jouw leven.

Deze middelvinger van Ireen is ook voor jou. Als ik mijn ogen dichtdoe, zie ik het kuiltje in je wang verschijnen terwijl je hierom lacht. Klik! Voor altijd in mijn hart.


Mooie Ireen Wüst.

dinsdag 8 januari 2019

Lost or found?

Wanneer ben je vrienden? Mijn vriendschap met C. had een hobbelige start. Ik leerde haar kennen op het werk, waar C. op de gang zat omdat er nog geen bureau beschikbaar was. Ik vond haar eigenlijk meteen leuk. Grappig en spraakzaam maar ook een beetje overweldigend. In haar leven was vast geen plek voor nog een vriendschap, dacht ik. Vriendin Y. waar ik dagelijks mee van en naar het werk pendelde had minder last van drempels en sloot vriendschap met C.

Algauw brachten we elke dinsdagavond samen door met kaasfondue en Ally McBeal. Y. als een baken tussen ons in, onzeker wat de een van de ander en de ander van de een dacht. Tot we op een dinsdagmiddag voorafgaand aan de kaasfondue met zijn tweeën in de kroeg belanden en elkaar dat bekenden. Aan de buitenkant zo verschillend, van binnen zo hetzelfde. Het kwartje viel en onze vriendschap begon. Wat een feest! We leerden elkaar door en door kennen. Op het werk en ook daarbuiten. Uren brachten we door in haar driehoog achter in Utrecht of mijn driehoog achter in Amsterdam. Pratend, lachend en filosoferend over het leven. Ooit zouden we samen een boekwinkel beginnen waar iedereen uit de buurt graag zou komen en altijd kon blijven eten. Want C.  kon heerlijk koken. Van niets iets maken, dat was ze ten voeten uit. Of het nou om eten ging of een saaie borrel op het werk. C. strooide met haar sterrenstof, vastberaden het leven met duizend armen te omarmen. Weinig slaap nodig. Wel wijn en schoenen om op te dansen.

We kregen andere banen, relaties die aan en weer uit en weer aan gingen en we verhuisden.  Onze vriendschap bleef. Ondanks dat we allebei een hekel aan bellen hadden. Ondanks onze drukke levens. Ondanks de steen waar we ons af en toe onder verscholen. We wisten elkaar altijd weer te vinden. En dan was het goed. Vriendschap is voor altijd, geloofde C, ook als je elkaar een tijdje niet ziet. Ik geloofde C.  en wist haar in mijn hart. Daar zaten we samen op een barkruk te kletsen. Genoeg herinneringen om op te halen. Maar nieuwe herinneringen werden schaarser. Ik werd zwanger en voor het eerst leken we iets niet te kunnen delen. Voor het eerst leek de afstand tussen Amsterdam en Den Haag inmiddels te ver om te overbruggen. Bleef er iets onuitgesproken. Ging het leven ook wel door zonder haar. Ondanks een vaag gevoel van spijt. Uitmaken deden we niet, vriendschap is voor altijd. Toch? 

Wanneer ben je vrienden? Ik weet het nog precies. Daar in die kroeg op de Zeedijk. En voor altijd in mijn hart. Maar toch. Wanneer ben je geen vrienden meer? Vorig jaar heb ik haar één keer gezien. Ze was nog steeds leuk. Grappig en spraakzaam. Vertrouwd overweldigend. Maar toch. Haar zoon is een jaar jonger dan die van mij. Ik heb hem niet vaak gezien. Zij die van mij ook niet. Op LinkedIn las ik pas dat ze een nieuwe baan heeft, een goede baan zoals bij haar past. Dat ik even thuis zit van mijn werk, weet ze niet. Ik ga het haar binnenkort vertellen als we elkaar zien. We appten vorige week om af te spreken. En vandaag viel er een kaart op mijn mat. Een kerstkaart nog met de beste wensen voor 2019. Die van vorig jaar zat er ook bij. Een plaatje van Ally McBeal op de voorkant. "Weet je nog?", schrijft C. Ik glimlach.

Wanneer ben je vrienden en wanneer ben je vrienden van weleer?


Lost or found?

dinsdag 4 december 2018

Mijn lief

Je was 17 toen ik je leerde kennen. Je had de mooiste bruine ogen die ik ooit had gezien. Op de afdeling schrijfwaren van de V&D begonnen we te praten en hielden niet meer op. Onze vriendschap was onvermijdelijk. Je maakte me aan het lachen, met je schuine blik en standje keet. De wereld aan onze voeten. We zagen oneindig veel films, bleven hangen in de kroeg, schreven brieven aan elkaar en hingen uren aan de telefoon. Schijnbaar onverschrokken zag ik vooral hoe lief je was. Over de liefde dachten we niet na, want beste vrienden zoenen niet. Ja, met een ander, waardoor onze vriendschap na zoveel onvergetelijke jaren naar de achtergrond verdween.

18 jaar deed ik het zonder jou. Na een jaar van tranen had ik je weggestopt.  Een dierbare herinnering met een scherp randje. Een onverwacht bericht maakte dat ik naar je op zoek ging. We vonden elkaar op de dag dat jij weer opnieuw wilde beginnen. Toeval? Wij denken beter te weten.

Je was 39 toen je weer in mijn leven kwam. Je bruine ogen nog net zo mooi als ik me herinnerde. Onze vriendschap leek niet te zijn opgehouden in de jaren dat we even niet op elkaar hadden gelet. We begonnen weer met praten en hielden niet meer op. Je maakte me aan het lachen, alweer of nog steeds met je schuine blik en standje keet. Een halve wereld minstens aan onze voeten. De liefde was onvermijdelijk. Deze keer. Want It Has Always Been You.

Je was 41 toen je voor de 3e keer vader werd en van mij een stiefmoeder en moeder maakte. All you need is love toch zeker. En een huisje en een beestje, Hatsjoe! Domweg gelukkig in de vinex. Af en toe kneep ik in je arm. Dan lachte jij je aanstekelijke lach. Want hoewel we de bioscoop niet meer zo vaak van binnen zagen en ook al een tijd niet meer in de kroeg waren blijven hangen, bleek de keukentafel een goed alternatief. En bellen, dat deden we nog steeds. Zonder snoer, zoveel jaren later, maar wel elke ochtend. Onderweg van A naar B en dan weer naar C. Het maakt de liefde niet zoveel uit.

Je was 42 toen je "Ja, ik wil" tegen me zei ten overstaan van onze kinderen, familie en vrienden in een klein kerkje in Amsterdam Noord. Ik keek diep in je bruine ogen en wilde ook. Ja! Hoewel ik het eerste jaar een glimlach niet kon onderdrukken als ik over je sprak als 'mijn man'. Wat leken we met zevenmijlslaarzen door ons leven gelopen. Ons hart achterna maar diep van binnen soms nog die jongen en dat meisje van de V&D. Van beste vrienden naar geliefden naar man en vrouw. Wie had dat gedacht?

Vandaag ben je 49. Ik kan het bijna niet geloven. Ik breng je ontbijt op bed en een boekje met 49 redenen waarom ik van je hou. Ze stonden in een kwartiertje op papier. Terwijl je mijn handschrift probeert te ontcijferen, houd je je hoofd schuin. Standje keet? Ik lach en hoop dat wij onvermijdelijk blijven.

Alweer een stukje minder wereld aan onze voeten, maar wat is ie mooi.

Wat ben jij mooi. Mijn lief. Toen en nu. Nog en voor altijd.

dinsdag 16 oktober 2018

Hiep hiep, hatsjoe!

Eigenlijk zou ik haar mee uit eten nemen. Naar een restaurant waar ze nog niet eerder was en waar alles op de kaart lekker is. Om haar verjaardag te vieren en onze vriendschap die al 28 jaar oud is. Elk jaar gaat ze me een ruime week voor, in het weer een jaartje ouder worden. Dat betekent dat we het vaak samen hebben gevierd. Op ons 21e met het thema Flower Power, op ons 38e met het thema Jaren 80, op ons 40e met het thema Mad Men en pas nog op ons 45e met het thema Jaren 70. Want het leven moet gevierd, ook al bellen we elkaar soms verbaasd op of iemand een grapje heeft uitgehaald met de nummers van onze leeftijd. Onomkeerbaar dit jaar, want 47. Nouja, vriendin W. dan, ik ben natuurlijk ruim een week jonger.

Samen ouder worden is fijn. Een gedeeld verleden is fijn. Ik zie immers nog steeds het meisje dat ze was toen ik haar leerde kennen op haar 19e. Met dezelfde lach en dezelfde manieren. Zo mooi toen al en nog steeds zo mooi. Ze heeft lachrimpels nu en haalt niet meer moeiteloos een nacht door. Oké, als het heel gezellig is, maar dan heeft gezicht en lijf langer nodig om weer bij te trekken. Wat ons blijft verbazen maar waar we dan maar om lachen. Van binnen is ze nog hetzelfde. Bijna dan. Hier en daar een droom verloren, andere wegen ingeslagen dan gedacht en sommige wegen afgesloten. Maar nog steeds een wereldreiziger, nieuwsgierig naar andere landen en culturen. Nog steeds een wereldverbeteraar, die denkt dat het beter kan. Voor de wereld en voor anderen. In kleine stapjes vaak en door te beginnen bij haar zelf. Dus verkoopt ze sjaals uit Nepal om de reisleider die ze ooit leerde kennen en zijn familie te helpen na de aardbeving. Dus gaat ze langs bij de vluchtelingenopvang in haar beurt en vraagt wat ze kan doen. Dus dronk ze jarenlang thee met een oude dame in de buurt.

Ze kleurt buiten de lijntjes en past in geen enkel hokje. Ze houdt van gezelligheid en viert elk jaar de traditionele kerstavond bij haar thuis voor een groot gezelschap. De mensen aan tafel zijn een bonte mix, want ze kijkt verder dan alleen de buitenkant. En als ze weet dat je alleen thuis zit met Kerst, nodigt ze je zeker uit. Ik ben blij met haar vriendschap en trots op wie ze is. Eigenzinnig, lief en grappig.

Eigenlijk zou ik haar mee uit eten nemen. Naar een restaurant waar ze nog niet eerder was en waar alles op de kaart lekker is. Maar toen kreeg ik griep. In plaats van het restaurant komt ze straks soep brengen. En schrijf ik met een wattig hoofd deze blog. Want dat is vriendschap. Al 28 jaar!


Mijn wereld is mooier met haar


donderdag 16 augustus 2018

Een jarige dag

Acht jaar geleden hield ik je voor het eerst in mijn armen. Een klein hummeltje dat weinig haast had om naar buiten te komen. Eenmaal op mijn buik, keek je moe maar tevreden, alsof je ons herkende. De wijzer op de weegschaal maakte een bescheiden beweging en de kleinste maat romper was je dan ook veel te groot. Toch zat alles erop en eraan. Twee ogen, twee oren, een neus en een mond. Tien vingers en tien tenen, een snavel en een slurfje. Mijn hart maakte wel duizend sprongetjes. Daar was je dan. Ons leven samen kon beginnen. Wat een groot en angstaanjagend geluk.

Vandaag ben je acht. Je maakt ons al vroeg wakker door in het grote bed te kruipen en te vertellen hoe jarig je bent. Als de regisseur van je eigen verjaardag, vraag je ons wanneer we het ontbijt gaan maken. Niet dat je heel veel trek hebt (blijkt later) maar ontbijt op bed hoort nu eenmaal, bovendien gaat dat altijd samen met cadeautjes. En dat laatste houd je al weken bezig. Wat je wilt hebben. Wat we gaan kopen. En of we het al hebben gekocht. Grapjes worden niet gewaardeerd en als het echt waar is dat er een pup in de doos onder het bed zit, ga je bij je beste vriend T. wonen. Met af en toe een weekje bij ons. Dat dan weer wel. Terwijl de croissantjes in de oven hun best doen goudbruin te krullen, wordt het wachten je teveel. Je vraagt door de traptreden hoelang het nog duurt. Bijna klaar, jagen we je terug het bed in. Dan, twee violen en een trommel en een fluit, blazen en uitpakken maar. De jarige dag kan beginnen. Tenminste als dit het enige cadeau is dat we voor je hebben. Niet erg, maar je wil het wel even checken. 

Ik lach, zoals ik zo vaak om je moet lachen. Stiekem en nee, ik zal er niet over bloggen. Niet zo, een beetje anders, beloof ik. Ik schrijf om te bewaren. Acht jaar en van die lange benen. Waarmee je het allerliefste fietst. Terwijl je zingt en praat. Honderduit. De hele dag door, ook als je niet op de fiets zit. De spaarzame momenten dat je stil bent, zit je achter een scherm, slaap je of voel ik aan je voorhoofd omdat je dan waarschijnlijk ziek bent. Dat heb je dan meestal wel van tevoren goed onder woorden kunnen brengen. Vandaag ben je vol van de vulpen die je straks krijgt in groep vijf, de nieuwe gympen van opa en oma die kapot cool zijn maar op de fiets wel als een baksteen om je voeten voelen. En of we wel naar de stad gaan fietsen want dan kan het nieuwe slot (meervoud slodden) om je fiets dat je van de andere opa en oma kreeg. Dan mogen wij er ook aan vast. 

Mijn lieve jarige grote kleine man. Babbelkous, ouwe Neel, filosoof in de dop en hardop dromer op je kinderfiets. Roetsjen maar! Ik kom achter je aan. 


(Uit Vanuit hier zie je alles: 'Hoe ouder ik word, des te meer ik geloof dat we alleen voor jou uitgevonden zijn. En als er een goede reden is om uitgevonden te worden, dan ben jij het.')

zondag 5 augustus 2018

Almost eight...

"Stelling, mama!", kleine man pakt mijn hand en begint over wat hem nu al een tijdje bezig houdt. "Wielrenfiets of crossfiets?" "Crossfiets", geef ik het foute antwoord. "Wist je dat een wielrenfiets wel zes keer zo snel is mama?", legt hij uit met opgewonden stem. "Ik zou dus altijd een wielrenfiets kiezen", besluit hij. "Ik weet het", glimlach ik omdat we dit gesprek tenminste één keer per dag met elkaar hebben.

Kleine man is bijna jarig en bovenaan zijn verlanglijstje staat een fiets. Een wielrenfiets wel te verstaan met zo'n krom stuur en hele dunne banden. Dat hij graag over stoepen en hobbels dendert, wuift hij weg want snelheid is belangrijker dus op zijn nieuwe fiets zou hij dat gewoon niet doen. Hij kijkt me vragend aan en zou graag nu al weten of het in orde komt met die fiets. Ik leg hem uit dat cadeautjes voor verjaardagen een verrassing zijn en dat ik daar dus nog niets over kan zeggen. Daar snapt hij niets van, want waarom zou je dan verlanglijstjes maken. En kunnen we het ook nog even over die schoenen hebben die hem wel erg gelukkig zouden maken...

Voorpret, hij zou het uitgevonden kunnen hebben. En zo droomt kleine man hardop al weken over zijn verjaardag. Almost eight and eleven days nog, want naast al het mijmeren leert hij Engels praten. De dag zelf heeft hij al op verschillende manieren ingevuld. Met pannenkoeken op de boot, maar sushi in de stad is ook goed. Of in dat ene zwembad met die lange glijbaan waar hij toen nog niet echt vanaf durfde maar nu vast wel. En fijn dat er nog een feestje komt, later als iedereen die zijn verlanglijstje heeft gekregen weer terug is van vakantie. 

En terwijl ik de tijd probeer te bevriezen in ons vakantiehuis in Bretagne, kijkt hij de klok vooruit. Op zevenmijlslaarzen. Almost eight.


Kleine Noordman aan de kust van Bretagne.

zaterdag 19 mei 2018

Kampioentje

Daar sta je. In het midden van het veld. Wat heb je ernaar uitgekeken, het voetbaltoernooi van school. Hoewel niet erg balvast, zit je in het team met de twee beste voetballers van de middenbouw. Want winnen is belangrijker dan meedoen, ook al zegt je moeder iets anders. Oost-Indisch doof voor deze pedagogische poging zitten de tranen hoog iedere keer als je vertelt dat er dit jaar geen medaille is. Denkbeeldig hing die al om je hals, net als vorig jaar toen je met je handen in je zakken (letterlijk) kampioen werd. Even slikken dus maar het mag de pret niet drukken.

Vijf jongetjes sterk. Jij staat in de verdediging en hebt te horen gekregen daar vooral te blijven staan. Je gele hesje is zo lang dat je dit jaar je handen nergens kwijt kan. Af en toe een hand in je mond als de bal gevaarlijk dichtbij komt. De twee beste voetballers van de middenbouw maken hun reputatie waar en schieten jullie team naar de halve finale. Mijn hart maakt een sprongetje want wat vind ik je lief. Een beetje onzeker, een beetje stoer en voorzichtig trots, alsof je diep van binnen weet dat jouw diepste gedachten hebben bijgedragen aan de bijna overwinning.

De finale is tegen beste vriend T. En als het aan jou had gelegen had hij gewonnen. Maar je teamgenoten zijn fanatiek en maken maar liefst 3 doelpunten. Ook jij krijgt de bal, hard tegen je arm als vriendje O. schiet. Au! oh nee Block! is je tweede gedachte en de verontwaardigde blik maakt plaats voor een dromerige glimlach op je gezicht. De scheidsrechter fluit en je mag je voor de tweede keer op een rij kampioen noemen. Hier was het je allemaal om te doen. Want vieren kun je als de beste, nadat je eerst de tranen van T. hebt gedroogd met een dropveter. Met de kartonnen beker in jullie handen maken jullie een ererondje door de school. We are the Champions!

"Toch maar op voetbal?", vraag ik als we aan het einde van de dag een limonade erop drinken. Je knikt verschrikt van nee. De medaille is dit jaar vervangen door een echte beker. En terwijl je deze nog maar eens aanraakt, bedenk je alvast hardop bij wie je volgend jaar in het team wil. Strategisch meedoen, het is ook een talent.

woensdag 17 januari 2018

12 + 15 = geluk

In het eerste weekend van elk nieuw jaar vieren we de verjaardag van de meiden. De oudste heeft de hare dan net achter de rug (30 december) en middelste heeft de hare bijna voor de boeg (vandaag!). Dat we het zo vieren doen we al een tijd. Met opa L. die onze vuurkorf in de tuin opstookt met eigen en gevonden kerstbomen. Opa H. die hem gezelschap houdt en de schare kinderen die om de rookwolken dwarrelen in de gaten houdt. Met vrienden en familie die dagelijks deel uitmaken van ons leven en vrienden en familie die we te weinig zien en waarvoor dit feestje een goede gelegenheid is.

Ook dit jaar keek ik met liefde en lichte verbazing naar ons gezin temidden van de drukte. Samengesteld hoewel ik samengebracht door liefde een beter stempel vind. De oudste heeft inmiddels haar eigen vrienden erbij, terwijl middelste ervoor zorgt dat ze haar aandacht over alles en iedereen eerlijk verdeelt. 12 + 15 en al bijna 10 jaar in mijn leven. Van kleine krul naar grote krul schreef ik in de verjaardagskaart van middelste, die ze vanmorgen met moeite ontcijferde vanwege mijn onleesbare handschrift. "Je moet ook altijd zoveel schrijven", mopperde oudste liefdevol.

Woorden om te vangen wat me zo dierbaar is. Ze weten het. Ze kennen me. Omgekeerd ken ik ze inmiddels ook. Alsof ik ze zelf gemaakt heb, grap ik wel eens. 

Hun eerste stapjes gemist, maar oneindig veel andere stapjes van dichtbij meegemaakt. Hoewel ik soms mis hoe klein ze waren, geniet ik ook van deze fase. De gesprekken met oudste, haar grappen en eigenzinnigheid. En hoewel de benen van middelste elke dag een beetje langer worden, is ze vaak nog mijn kleine meisje dat houdt van knuffelen en voorlezen. Een zonnetje in ons gezin. Soms probeer ik me voor te stellen hoe ze straks na de zomer op haar fiets springt om naar de middelbare te gaan. Vrolijk en vol goede zin, denk ik. En af toe te laat, grinnik ik erachteraan. Dan lijkt ze toch een beetje op mij. 

12 + 15, zussen en toch een wereld van verschil, nog altijd. Hoewel, jullie zijn allebei de allerliefsten. Mijn allerliefsten! Ik wilde het toch even opgeschreven hebben. 


Niet uit mijn buik, wel in mijn hart. 




zondag 26 november 2017

Voor later


De tijd rolt met een razende Rrrrrr... het is vast mijn leeftijd want de kinderen hoor ik er niet over. Die wisselen moeiteloos Sint Maarten in voor Sinterklaas en kijken alweer reikhalzend uit naar het weekend waarin we de kerstboom gaan kopen. Ho Ho Ho, denk ik, eerst nog het Sinterklaasfeest en lief die 48 wordt en een weekje mee mag met beste vriendin en stewardess W.

Het is heerlijk allemaal en groot geluk maar soms lijkt het sneller te gaan dan ik erbij stil kan staan. Geen tijd om het op schrijven, de mooie praatjes en magische vragen, de knuffels en het keten. Daarom leg ik het vast met mijn camera. Beelden die deze tijd vasthouden voor later. Net als de foto-albums van mijn vader, waar we vrijdag in keken tijdens mijn moeders verjaardag. De kamer vol vrienden die al mijn hele leven meegaan. Ooms en tantes die geen familie zijn maar wel zo voelen. Ouder en grijzer maar nog net zo goedlachs en lief als vroeger en bereid om de boel op stelten te zetten. Tante G. die vraagt hoe het gaat en een glaasje wijn afslaat omdat ze nu medicijnen slikt die niet goed samen gaan met een drankje. In haar ogen zie ik nog dezelfde tante G. waar ik als klein meisje altijd ging buurten. Voor lange gesprekken, koekjes en grapjes met oom A. Haar blonde krullen heeft ze niet meer maar haar engelengeduld nog wel. Ze vertelt over zoon M. en vraagt naar mijn samengestelde gezin.

Dan komt oom L. binnen. Alleen, want van  tante S. hebben we alweer bijna een jaar geleden afscheid genomen. De broer van mijn vader is nog steeds een grappenmaker en geeft handig elk serieus gesprek een draai. Maar als mijn tante L. vraagt hoe het met hem gaat, betrekt zijn gezicht heel even en zegt hij: "Voor de helft". Voor mijn moeder heeft hij hyacinten meegebracht, in nagedachtenis van mijn tante die dat elk jaar deed. Zo schrijft hij ook de verjaardagskaarten die zij niet meer kan schrijven. Dan is ze er nog een beetje. Zijn daden vertellen wat hij niet zeggen kan. Voor de helft.

Er wordt alweer gebeld en uit Hoorn zijn daar oom J. en tante A., de oudste vriendin van mijn moeder. Grijzend maar nog net zo levenslustig als vroeger. Haar aanstekelijke lach klinkt terwijl ze iedereen een dikke smakkerd geeft. Oom J. komt erachteraan, de oudste van iedereen maar net terug uit Indonesië waar hij geboren is. Voor zaken van zijn oudste zoon, vertelt hij lachend: "Ik kijk of het allemaal goed gebeurt." Voorbij de tachtig maar ik zou het niet raden als ik het niet wist.

Ik ga naast R. zitten en we hebben het over leeftijd. Dat je in je hoofd ergens blijft steken rond de dertig. Ik zie het in haar ogen. Ze heeft altijd pijn en daarom is november niet haar favoriete maand. Te weinig naar buiten en teveel binnen. Ze wuift het snel weg want ze is niet gekomen om te mopperen en we praten over van alles anders. Haar man H. helpt met de koffie. De kamer is gevuld met veel gelach en gepraat. Als verrassing zijn ook tante A. en oom J. uit Apeldoorn komen rijden. En mijn moeder is het stralende middelpunt, net als vroeger toen ze met tante L. de meest gekke dingen uithaalde tot iedereen tranen had van het lachen. Ik voel me heel even weer dat meisje van toen omringd door de mensen uit mijn jeugd. En als later tante L. en oom B. er ook zijn, zie ik hoe lief ze zijn voor mijn kleine man. Net als alle anderen.

Vrienden die al een leven meegaan. Mijn familie. Gelukkig zijn de meesten er nog. Meegevlogen met de tijd. Herinneringen in hun hart maar de dag plukkend tegelijkertijd. Meer tijd dan vroeger maar ook weer niet. Voor je het weet ben je een week zoet met een bezoek aan het ziekenhuis, vertellen zowel tante A. als tante G. Je kunt er maar beter uit de buurt blijven, lachen ze. En als de eersten willen gaan, bakt mijn vader net bitterballen van Dobben en is de lach van mijn moeder nog een reden om te blijven. Ik geniet en schenk voor iedereen nog een drankje in. En ik neem me voor ze op te schrijven. Voor later. 


En de tijd stónd even stil

Verhuisbericht

Mijn blog is verhuisd naar dagelijksedingen.blog Zie ik je daar?