donderdag 31 december 2015

Dag 2015!

Vannacht lag ik wakker omdat ik je aan het overdenken was. 2015. Je was een hobbelig en bijzonder jaar. Mijn lieve mama werd ziek, dat was moeilijk. Maar je was lief voor ons. Na elke zware periode beloonde je ons met uitkomsten waar we kaarsjes voor aanstaken. De hobbels zorgden ervoor dat ik me des te meer bewust was van mijn zegeningen en deze vaker uit te spreken. Ik leerde mezelf weer wat beter kennen - for good and for worse - en ontdekte dat ik het beschermingsmechanisme van een struisvogel heb. Niet per se iets om trots op te zijn, maar wordt het me teveel dan gaat mijn kop in het zand. En dat was aardig wat keer dit jaar. Met mijn moeder. Maar ook met de aanslagen en de eindeloze stroom vluchtelingen die de wereld op haar kop leken te zetten. Te groot en te beangstigend om te bevatten, nog steeds. Wat zal 2016 ons brengen? Ik hoop veel wijsheid en minder medialawaai.

Ik schreef minder dan ik had willen schrijven. Ruimde op met Marie Kondo, leerde bij over geluk met Gretchen Rubin, probeerde duurzamere keuzes te maken en minder te twijfelen. Mijn nieuwe mantra 'stick to the plan' hielp me daarbij. De zomer zonder plannen was oneindig en heerlijk. Ik stopte met shampoo en begon weer. Kleine man leerde fietsen en oudste ging naar de middelbare school. Ik had last van de herfstblues maar bleef gelukkig ook lachen om mijn 'staat lappenmand'. Ik ging hardlopen en besefte weer hoeveel gedoe dat eigenlijk is. Met vriendin W. reisde ik naar Spanje om A. en S. te bezoeken, manlief speelde Freek in Suriname en met de kinderen sliepen we in een huisje aan zee.

De eetclub was lastig plannen, maar altijd gezellig als er eenmaal een datum was geprikt. Ik ging bij een leesclub en werd geciteerd op een boekomslag. Zoals elk jaar werkte ik te hard en zag ik mijn vrienden te weinig. Maar ik sprak eindelijk weer eens af met C. en we pikten de draad moeiteloos weer op. De kinderen en ik bakten ons een versuffing, van dameskusjes tot oreo-fudge. Iemand moet het doen. Manlief werkte te hard en kookte te weinig, terwijl hij dat zo goed kan. Met Kerst maakte hij dat een beetje goed, door als vegetariër een overheerlijk gevulde rollade te maken.

2015, je was groots en meeslepend. Groots in je dagelijkse dingen en meeslepend in je emoties. het zand waarin ik mijn hoofd af en toe stak was fijn, maar nieuwsgierig als ik ben, kom ik altijd weer boven. Ook vandaag. Zin in de borrel straks bij Pllek en daarna het feestje bij vriendin T. In haar nieuwe huis met prachtig uitzicht over het IJ en samen met lieve vrienden.

Voor 2016 wens ik iedereen veel liefde en dromen die je wel of niet waar gaat maken. Dromen alleen is al fijn. Dus schrijf ze op en bewaar ze zodat je er af en toe eens naar kan kijken. Doe ik dat ook. En, be kind.



dinsdag 29 december 2015

Meisje van dertien

Morgen wordt ze dertien, onze lieve twaalfjarige. Ik moet denken aan het liedje van Paul van Vliet en draai het voor haar, als ze 's ochtends bij ons in bed kruipt - terwijl ik tegelijkertijd bedenk wat fijn het is dat ze nog bij ons in bed kruipt. Met een serieus koppie luistert ze naar de tekst. En terwijl manlief grapjes maakt, knikt ze af en toe bevestigend. Plagend trek ik aan haar grote teen als het gaat over wapperende voeten. Ik kan me nog herinneren dat mijn ouders het liedje voor mij draaiden toen ik dertien werd. Geen idee nog dat ik 31 jaar later zo'n mooie stiefdochter zou hebben.

The days are long, but the years are short. Deze zin schiet de laatste tijd steeds vaker door mijn hoofd. A. kwam in mijn leven toen ik halsoverkop verliefd werd op haar vader. Terwijl ik een te dikke kat meebracht in de relatie, overtroefde hij me met twee prachtige blonde meisjes. Oudste vier en jongste twee. Ze groeiden niet in mijn buik, wel in mijn hart.

Als ik mijn ogen sluit zie ik A. als klein meisje. Haar in twee staarten, blik op nieuwsgierig en een schaterende lach. Hoewel ze in het begin wel even aan me moest wennen, was ze altijd lief. Haar handje in de mijne, als de winkelmevrouw naar mij refereerde als haar moeder. Ik hield mijn adem in, maar A. deed alsof ze het niet hoorde. Waar is de tijd gebleven dat ze wat onwennig in de hal van het Wespennest zat en ik haar het liefste op schoot had genomen. De tijd tuimelt en A. tuimelt mee.

Stoere, lieve A. die steeds meer haar eigen stijl ontwikkelt. Van skateboard naar BMX. Van heerlijk koken en bakken en overal doorheen rollen op school. YOLO als motto op haar wintermuts. Van niet zo spraakzaam tot inmiddels de oren van mijn hoofd. Van judo en gitaar, maar oefenen ho maar. Van liever niet kussen maar knuffelen tot en met en zelfs nog op schoot. Van elke avond een mop voor het slapen gaan. Van oneindig lieve zus tot niet altijd geduld met broertjes van vijf. Van enger dan enge films en headbangen op papa's muziek. Van soms te serieus als in nou eenmaal oudste. Van grapjes die steeds grappiger worden en af en toe rollen met haar ogen. Van enorm trouw en het iedereen naar de zin willen maken. Van lol willen maken en soms een Jantje van Leiden zijn. Van honderd gedachten in haar hoofd die ze niet altijd deelt. Maar bovenal van een eindeloos vertrouwen in de dertienjarige die ze gaat worden.

Lieve A. wat houd ik oneindig veel van je!




and in comes the stepmother... :-)




Doe je niks geks..

Vandaag gaan we de lichtjeswandeling doen met de kinderen. Ik neem het me hardop voor terwijl de dag nog voor ons ligt. Heerlijk uitgeslapen en uitgebreid ontbeten. Oudste heeft afgesproken om naar de film te gaan en wij hoeven alleen wat boodschappen te doen. Maar bij het maken van een lijstje bedenken we dat het misschien wel handig is om meteen ook boodschappen te halen voor zondag. Dan vieren we de verjaardag van middelste en oudste. Dus bedenken wat we gaan koken, wie wat drinkt en dan nog eens voor vijf erbij als oudste meldt dat ze nog wat vrienden heeft uitgenodigd. Ondertussen belt vriend A. of manlief hem kan helpen met inladen. Hij vertrekt deze week samen met A. weer terug naar Spanje en ze willen een flinke berg opgeslagen spullen meenemen. "Natuurlijk", belooft M., "bel maar als jullie alles hebben uitgezocht".

Het lijstje is gemaakt en we kunnen op pad. Oudste geven we een slinger. De dag ligt nog steeds voor ons. Naar de bakker voor een ontbijt-op-bed-taartje (oudste is morgen echt jarig), naar de Hema voor (kinder)champagne en omfiets-wijn en dan naar de Landmarkt. Daar is het restaurantgedeelte al open, gezellig, mensen zitten al aan de wijn. "Als we nou alle boodschappen hebben gedaan, drinken we hier een drankje", beloven we de kinderen. Kleine man en middelste slaken een indianenkreet terwijl ze met hun mini-karretjes de gangpaden onveilig maken. Als we eenmaal zitten, is er zomaar een hele hap uit de dag. "Hee", grap ik tegen mijn lief, "ik had bedacht dat we over een uurtje op de fiets naar de stad zouden zitten". Hij lacht en pakt zijn telefoon op. Drankjes moeten afgerekend want er moet ingeladen. Manlief geslingerd, pak ik heel efficiënt de tassen met boodschappen uit. Ik durf niet meer op de klok te kijken maar denk aan mijn mantra van dit jaar: "stick to the plan".

Maar de dag hapt verder en als alle spullen zijn ingeladen en de lekkere kaasjes bij onze favoriete kaasboer zijn gehaald, is het zes uur. Oudste belt dat ze onderweg is naar huis, maar haar sleutels is vergeten. Ik had twee uur geleden op de fiets willen zitten naar de stad. Maar ik zeg niets. Ik denk aan mijn mantra. Om half zeven kunnen we gaan, behalve dat iedereen nu wel erg veel trek heeft. "Dan eten we gewoon een patatje bij de pont en dan fietsen we door naar het Waterlooplein waar de lichtjeswandeling begint." Als iedereen eindelijk zijn mutsen en handschoenen aanheeft, krijg ik het voor elkaar om mijn fietssleuteltje kwijt te zijn. Met een rood hoofd vis ik 'm uiteindelijk uit de kist met mutsen en sjaals. Gelukkig! Het is inmiddels zeven uur als we ontdekken dat de patatkraam bij de pont gesloten is. Maar de pont vaart wel. Met knorrende magen, proberen we te bedenken waar we snel wat kunnen eten. Natuurlijk bij ons favoriete tapasrestaurant. Gezellig! En daarna de lichtjeswandeling, waarom niet.

Manlief lacht en fietst braaf achter me aan. Kleine man gaapt achter mijn rug, maar heeft zin in tappatjus. Middelste ook. We kunnen onze teleurstelling dan ook niet onderdrukken als onze favoriete tapasrestaurant gesloten blijkt te zijn. Het is inmiddels half acht en we staan in het verkeerde deel van de stad als het om lichtjes en wandelen gaat. En we hebben echt trek... dus om nou nog naar een restaurant te gaan. Een halfuur later zitten we in een tl-verlichte ruimte bij Dolf, gevieren aan de patatje oorlog, het jaaroverzicht op tv.

Eenmaal buiten gaapt kleine man en klaagt dat hij het koud heeft. Ook middelste heeft het koud. Mijn lief kijkt me aan en ik voel de slappe lach opborrelen. Op de pont naar huis bedenk ik hardop dat de lichtjeswandeling nog tot 17 januari is. Lief slaat een arm om me heen en stelt voor om voortaan onze patat in de stad te halen. Want wat je van ver haalt is lekker. "En van uitstel komt heus geen afstel", mompel ik in zijn hals.


zondag 27 december 2015

Geluk

Verdorie, nog steeds niet geblogd. Er komt sowieso weinig schrijverij uit mij de laatste tijd. Voorgenomen brieven blijven steken, een ongeopend dagboek naast mijn bed, zelfs de kerstkaarten kregen dit jaar niet mijn volledige aandacht. Terwijl er genoeg te schrijven valt. Het jaar wil overdacht, goede voornemens gewikt en gewogen en kleine man doet elke dag minstens één afspraak die opschrijfwaardig is. Gewoon maar gaan zitten dus achter mijn trouwe geduldige appel...

Geluk:

  • Zelf geknutselde kerstversiering in de boom 
  • Al 10 jaar Sinterkerst vieren bij vriendin W. met cadeautjes onder de boom, papieren kerstmutsen en veel wijn. 
  • Lampjes in de tuin die ons huis sprookjesachtig verlichten
  • Een jaar verder zijn en dankbaar zijn...
  • Kusjes onder onze mistletoe
  • Twee weken lang geen wekker
  • Elke ochtend de kinderen bij ons in bed
  • Ochtendmoppen van kleine man
  • Avondmoppen voor oudste
  • In bad met middelste
  • Oudste, middelste en kleine man die kerstliedjes van school zingen
  • Neem een geit... ofwel de levenswijsheden van Claudia de Breij
  • De rollade van mijn vegetarische lief
  • Latte macchiato bij Tazzina met uitzicht op de Brouwersgracht
  • Weer een blogbegin



maandag 7 december 2015

Verloren woorden

Het is nu een maand, appt vriendin T. Ik weet het, app ik terug.

Dat krijg je nou van goede voornemens. Van de regen in de drup. Tenminste bij mij dan. Neem ik me voor om gezonder te eten? Dan kost het me slechts enkele weken om vooral door te slaan in ongezonde dingen. Dingen die ik normaal gesproken prima kan laten staan, maar die me na weken van smoothies en havermout-ontbijtjes op de gekste momenten komen achtervolgen. Tuc. Chips. Patat. Mayonaise (zo uit de pot). Neem ik me voor om vroeger op te staan, om meer controle te krijgen over mijn dag, dommel ik op dag vijf al beneden op de bank boven mijn koffie in slaap. Neem ik me voor om te gaan hardlopen, hangen mijn hardloopschoenen in week drie al in de wilgen.


Van de regen in de drup. In september startte ik mijn blogmarathon. In oktober maakte ik de wiebelige balans op om in november nog maar één keer van me te laten horen. Werken dan zelfs fijne voornemens averechts bij mij?

Misschien was er meer aan de hand. Ik kon geen woorden vinden voor de aanslagen in Parijs op vrijdag 13 november. De wereld kleurde even zwart. En hoewel de dagelijkse dingen juist een troost waren, kon ik ook daar niet over bloggen. Het leven moest maar even geleefd en niet beschreven. Hoewel ik blij was dat er door anderen wel geschreven werd. Een dappere brief aan de terroristen van Antoine Leiris, een journalist wiens vrouw was omgekomen. De bijdragen van De Correspondent, een geruststellend en doordacht tegengeluid voor al het lawaai dat klonk in de media en de politiek. Ik had er niets aan toe te voegen. Ik las en luisterde zeer selectief en gebruikte mijn vrije tijd vooral om mijn zegeningen te tellen en te kussen.

Heel af en toe ging ik achter mijn appel zitten, maar de woorden bleven weg. Ze waren verloren. Tot ik ze teveel ging missen. Vandaag waren ze er weer. Gewoon vanzelf, zonder voornemen. Best een zegening.






zaterdag 7 november 2015

Kus

Kleine man is vijf en wil niet meer kussen. Tenminste niet op school waar zijn vriendjes bij zijn. Dan is het iiew en allesbehalve stoer. Een boks graag, net als vriend F. en vooruit heel af en toe een halfbakken knuffel omdat het mama is, terwijl hij met een stoere licht onverschillige blik om zich heen kijkt. Eén troost, eenmaal thuis vergeet hij af en toe dat hij te groot is voor kussen en steel ik ze. Bij het naar slapen gaan, op de bank of als hij op schoot kruipt. Dat vergeeft hij me, want dan kussen we privé, aldus de wijsneus. Op school ben ik niet de enige die dit lot moet dragen. Laatst stond ik naast een vader die mijn onderhandelen met kleine man gadesloeg. "Chanteren", hoorde ik hem zeggen. Terwijl ik me omdraaide, grijnsde hij ietwat bedroefd en vertelde dat hij zijn dochters keihard chanteerde. "Als papa geen kus krijgt, mag je niet met vriendinnen afspreken." Of ze krijgen geen eten, knipoogde hij erachteraan.

Middelste heeft geen boodschap aan kleine man. Haar bijnaam is knuffel en met een oudere zus die ook al niet wil kussen, neemt ze geen genoegen met een klein broertje die hetzelfde gedrag vertoont. Dus voordat ze op school naar haar klas loopt, neemt ze kleine man in de houdgreep (denk Humphrey Bogart en Ingrid Bergman in Casablanca), kiepert hem iets naar achteren en geeft hem een lange dramatische filmkus op de lippen. Terwijl zij met een brede grijns wegloopt, laat ze kleine man vol ongeloof achter dat het hem nou alweer is overkomen. Terwijl hij zijn lippen aan zijn jas afveegt, zijn de iiews niet van de lucht. Omdat hij weet dat zijn grote zus in koppigheid niet onderdoet voor hem, probeerde hij het laatst tijdens de middagpauze bij opa en oma over een andere boeg te gooien: E. geef me hier alvast maar een kus, dan hoef je het straks niet op het schoolplein te doen.



zondag 25 oktober 2015

Dusss (Dag 23)


Hoe ging het eigenlijk verder met...
  • Mijn voornemen om geen shampoo meer te gebruikenNo poo(ha) liep uit op Poo(hee)! De shampoo is niet verbannen uit mijn leven. Toch zijn de talloze flessen verdwenen uit de badkamer. Ik was mijn haar nog maar twee keer per week met een natuurlijke (manlief zou zeggen: linksomgedraaide en koudgeslingerde) shampoo en crèmespoeling. De kinderen zijn shampoo-vrij en manlief ook, naar volle tevredenheid.
  • Mijn voornemen om mijn conditie op te krikken door te gaan hardlopenHardlopen met Dolf werd hardlopen met een hele andere man. Bij het selecteren van Dolf liep namelijk iedere keer mijn hardloop-app vast, tot mijn grote ergernis. De andere man bleek veel stabieler. Dat ging dus goed de eerste twee weken. In week drie sloeg ik een training over, die ik niet verzette, dus toen moest ik van drie minuten hardlopen in een keer naar zeven minuten hardlopen. Hijg! Deze week kwam de klad er in. Manlief was weg en ik had vakantie en vakantie en hardlopen is voor mij als een vis op een fiets. In gedachten ben ik alweer aan het terugkrabbelen. Ik verlang naar mijn wekelijkse yogales en overtuig mezelf dat dat dan misschien niet zo goed is voor mijn conditie, maar altijd nog beter dan niet hardlopen. (ps ik ben blij dat ik die twee weken heb hardgelopen in het kloffie van manlief en niet ben gezwicht voor een flitsende nieuwe outfit. Voor het laatste ging ik ook nog niet hard genoeg. Soort van contradictio in terminis)
  • Mijn voornemen om elke dag een blog te schrijven en dat voor 31 dagen. Niet gelukt. Op dag 4 ging het al mis. Op dag 10 probeerde ik uit te leggen waarom en verzon ik een nieuwe vorm van marathonbloggen. Kortom ik zit nog niet op de 31, maar ik ben voornemens (voor wat het waard is) dat dit jaar nog te doen. 

Wat zegt dat...

  • Ik hou duidelijk van lijstjes, goede voornemens, schone leitjes en plannetjes bedenken. Vervolgens, scherp in theorie, iets minder in de uitvoering. Je zou kunnen denken dat ik geen volhouder ben. Maar dat is niet waar. Ik ben meer een uitsmeerder. Voornemen 1 en 2 komen vast weer een keertje bovendrijven. En voornemen 3 duurt gewoon iets langer dan gedacht. Ondertussen is mijn herfstblues verdwenen. Dat dan weer wel.



donderdag 22 oktober 2015

Stront (Dag 22)

Ik denk dat het drie jaar geleden is dat manlief het Rijksmuseum tot no-go-area benoemde. Tenminste  tot de kinderen volwassen waren. Ik zie het hem nog zeggen, een mengeling van wanhoop en irritatie op zijn gezicht. Dat was na een vrij ambitieuze poging om onze drie oogappels wat cultuur bij te brengen. Op een drukke zaterdag. Met de kleinste nog in de luiers. Het resultaat: stront! Letterlijk en tot twee keer aan toe.

We roken het toen we bijna bij de Nachtwacht waren aangekomen (na eerst een krap uurtje in de rij voor de garderobe te hebben gestaan): stront! Manlief was zo lief om de kleine man van een schone luier te voorzien en besefte zich pas op de trap naar beneden dat hij de luiertas zojuist had afgegeven. Wat blijkt, er is geen snelle rij voor stro... eh spoedgevallen. Een krap uurtje later moest niet alleen de luier maar ook de spijkerbroek verschoont. Goed voorbereid als we altijd zijn,  hadden we deze keer gelukkig een schoon setje kleren meegenomen. Met kleine man op zijn schouders, deed zijn dappere vader een tweede poging om de Nachtwacht te bereiken. Toen hij daar werd tegengehouden door een suppoost (je mag geen rugzakken om, maar ook geen kinderen), rook hij het opnieuw: stront! En de luiertas... nouja, je begrijpt het al.

De meiden en ik dwaalden - wetend van niets - langs alle eeuwen. We lachten om het huishouden van Jan Steen en gluurden in het poppenhuis naar binnen. Daar kregen we dorst van, dus zochten we een fijn plekje in het restaurant van het Rijks, ons afvragend waar M. en J. waren. "Vast en zeker op avontuur", begon ik toen ik zijn gestreepte trui vanuit mijn ooghoek zag. J. in zijn armen. Die blik. En toen dus die belofte.

Gelukkig is manlief veel, maar niet consequent, dus vandaag deden we een nieuwe poging. En wat was het leuk! We deden het grappige Rijks-familiespel en ontdekten wel acht geheimen. Onze drie oogappels hadden het stiekem enorm naar hun zin. Mijn lief heeft maar liefst tien minuten naar de Nachtwacht kunnen kijken. Ik ontdekte twee van mijn lievelingsschilderijen en er was een expositie van Dick Bruna, nog zo'n favoriet van mij. Kleine man vond Nijntje inmiddels te kinderachtig. Maar dat mag als je geen luier meer draagt.


Weer voor het Rijks!

maandag 19 oktober 2015

Afspraken (Dag 21)

Het is maandag en er gaat geen wekker. Dat kan maar één ding betekenen: vakantie! Herfstvakantie om precies te zijn en ik ben vier dagen vrij. Gewoon omdat het kan en omdat ik zin heb om bovenop mijn gezin te zitten. Niet dat ze daar rekening mee houden. Manlief werkt en vertrekt morgen voor twee dagen naar België en middelste logeert. Oudste compenseert het aantal met een logée, beste vriend L. die het geen probleem vindt om 's ochtends ook in het grote bed te kruipen. De dag kan beginnen. Het liefst met schermen vinden de kinderen, maar die zijn vandaag verboden. Dat slaat heel even uit het lood, maar dan bedenken ze iets wat ook eigenlijk wel leuk is. We krijgen de slappe lach met een spelletje proeven (blinddoek om, blind proeven van vier schoteltjes en raden) en wie-ben-ik (post-it op je voorhoofd met een persoon of voorwerp, vragen stellen en raden maar).

Aan het einde van de ochtend fietst L. naar huis voor de verjaardag van zijn oma. We halen middelste op en rijden door naar de film Binnenstebuiten. Kleine man eet zijn vingers bijna op, waardoor ik even twijfel of hij nog niet te klein is voor deze film. Maar eenmaal buiten hebben we het over de mannetjes en vrouwtjes in onze hoofden: plezier, afkeer, angst en verdriet. In mijn hoofd woont plezier, roept middelste. Kleine man denkt dat angst het grootste mannetje is in zijn hoofd, vanwege zijn enge dromen, gelukkig is het tweede mannetje in zijn hoofd plezier. Oudste denkt lang na en besluit dan dat de navigatie in haar hoofd is aangekomen bij de knop: pubértijd (een erg grappige scene uit de film).

De dag lijkt af te stevenen op just a perfect day, daarom besluiten we nog wat te gaan eten bij de Landmarkt. Maar middelste en kleine man zijn moe en belanden mokkend aan tafel. Terwijl ze boos tegen elkaar doen, hun tong verloren lijken te zijn als de serveerster iets vraagt, rolt oudste met haar ogen en voel ik mijn goede humeur als sneeuw voor de zon verdwijnen. In de auto kibbelen ze nog even door en ik dreig dat we thuis maar eens een goed gesprek moeten hebben. Over liever voor elkaar zijn, beter luisteren... ik zeg geloof ik ook nog dat ik vroeger blij was als ik naar de film was of uit eten ging. Ai...

Eenmaal aan de keukentafel is de boosheid wel weer weggeëbd en moet ik mijn lachen inhouden als drie paar ogen me serieus aankijken als ik vraag wat nou een oplossing kan zijn voor het liever zijn en beter luisteren. Kleine man weet het: "Eerst zeg je stop-hou-op en als dat niet gebeurt ga je naar de juf". Ook moet je denken wat het is om het zelf te voelen, vult hij aan. Middelste moet nu hardop lachen: "Je bedoelt dat je niet bij een ander doet wat je zelf ook niet wilt". Kleine man knikt afwezig terwijl zijn blik afdwaalt naar de koektrommel. Maar ik pak een groot wit papier. Weet je wat, we maken gewoon een paar afspraken met elkaar en daar proberen we ons dan aan te houden. Iedereen mag wat zeggen en zo komen we op een mooi rijtje van acht. De belangrijkste zijn wel liever voor elkaar zijn en wat vaker tot tien tellen voordat je wat zegt.

Terwijl kleine man en oudste blij zijn als de afspraken op papier staan, krijgt middelste de smaak te pakken. Op nog een groot vel trekt ze de afspraken over zodat er in iedere kamer eentje kan komen te hangen. En dan moeten er natuurlijk ook nog afspraken voor mij komen. Goed idee, vind ik en ik vraag of zij ze wil opschrijven. En dat doet ze, met het puntje van haar tong uit haar mond. Een halfuurtje later vraagt ze me de 10 regels voor te lezen. Werd het toch nog een perfecte dag:
  1. Wees lief voor A., E., J., M (of papa voor de kindere) en tijgermuis
  2. Tel tot 10 (Soms tot 20) (en word niet te snel boos!)
  3. Geef heel veel kusjes aan J. (een beetje), E., M. en tijgermuis
  4. Vaker met de kinderen in bad (Soms met PaPa)
  5. vaker brauni's maken met de Kids! dat zeker!!!!!
  6. de Kids mogen ook Koken!
  7. Meer aandacht aan je zelf!
  8. Je bent grappig meer grapjes maken
  9. Dat was HET!
  10. vaker tekenen met de kids!
   10. vaker naar de onderstreepten kijken


Op ons bed zodat ik het niet vergeet, aldus middelste




zondag 18 oktober 2015

Het slenteren voorbij (Dag 20)

Ik houd erg van slenteren. Gewoon maar wat verdwalen door een buurt of stad. Maar net als mijn andere heimelijke genoegens lummelen en lanterfanten, komt het er maar weinig van. Volop geslenterd hoor in mijn leven, maar het wil al een tijdje niet lukken. Er zijn namelijk een paar belangrijke ingrediënten nodig voor slenteren: een zee van tijd, geen doel of een to-do en het liefst iemand die mee wil slenteren. Van het eerste heb ik te weinig, van het tweede teveel en van het derde een verkeerde hand van kiezen.

Gisteren waren we in Hoorn, een schattig stadje waar ik, ondanks de miezerige regen, zin kreeg om te slenteren. Er was een marktje, een leuk koffietentje, een Italiaanse traiteur en een winkel met ambachtelijk gemaakte worst waar heel veel mensen in de rij stonden. Maar er moesten schoenen gekocht voor middelste en oudste en een Legowinkel bezocht voor kleine man. Met Google Maps baanden we ons een weg door Hoorn. Snelste route, want mijn lief is praktisch als het om winkelen gaat. Toen dat uiteindelijk allemaal soort van afgevinkt was, bleek de middag gevlogen en herinnerde lief me eraan dat we nog geen boodschap in huis hadden.

Met een snelle warme stroopwafel van de markt in onze handen, lieten we het leuke koffietentje links liggen en liepen terug naar de auto. Kleine man zong een eigengemaakt liedje over dat hij naar huis wilde, middelste nam extra grote stappen op haar nieuwe laarzen en oudste vroeg of we wel knoflookolijven op het boodschappenlijstje hadden staan. En ik grinnikte zachtjes omdat slenteren met een gezin, mijn gezin in ieder geval, net zo realistisch is als het Nederlands elftal en het EK van 2016. Over vier jaar misschien.



donderdag 15 oktober 2015

Mooi maf (Dag 19)

Nog maar weer eens over Sophie. Ik lees op Facebook dat ze vanavond zonder make-up op de rode loper van het Televizier-Gala zal verschijnen. Tromgeroffel, heel veel likes en wat wisselende reacties. Ik vind het stoer, is mijn eerste gedachte, maar eigenlijk meteen daarna bedenkt mijn  tweede gedachte dat het toch niet gekker moet worden. Waar gaat het met de wereld heen, als we het stoer vinden als een vrouw de rode loper betreedt als zichzelf.

Ik frons mijn denkrimpel nog maar eens wat dieper. Toch is het stoer. Want zou ik het durven? Zonder make-up naar een feestje? Ik ga niet eens naar mijn werk zonder make-up. Wel eens gedaan hoor, maar de eerste collega die ik tegenkwam vroeg meteen of ik een griepje onder de leden had. En daar ligt precies het pijnpunt van Sophie's statement. Is make-up nog leuk als we denken niet meer zonder te kunnen. Of omdat we dat zelf vinden. Of omdat anderen het vinden. 

Middelste kijkt graag toe als ik me opmaak 's ochtends. Ze vindt het prachtig. Als ze vraagt om ook wat blush of lippenstift, antwoord ik wel eens dat ze dat toch helemaal niet nodig heeft. Een gek antwoord, moet ik toegeven. De boodschap? Zij heeft het niet nodig, maar ik wel? Welke boodschap geef ik haar mee? Met een beetje geluk dat make-up gewoon leuk is. Met een beetje pech dat je als vrouw op een gegeven moment niet meer zonder make-up de deur uitgaat. Thuis en op vakantie zien ze me wel vaak zonder make-up. Veel mooier, aldus oudste. Maar hoelang vindt zij dat nog? 

Make-up, een lekker luchtje, een mooie jurk en hoge hakken, ze maken het leven mooier, leuker en lichter. De keerzijde is complex. Het raakt veel ingewikkelde issues, de verschillen tussen mannen en vrouwen, de onderdrukkende kant van het schoonheidsideaal en een rits aan onzekerheden waar meisjes al jong mee worstelen. En dan heb ik het nog niet eens over de opkomst van botox en plastische chirurgie, dat door sommigen al gelijk wordt gesteld aan een bezoekje aan de kapper. 

Vanwege die keerzijde en complexiteit vind ik Sophie stoer. Met haar actie legt ze haarscherp de paradox bloot. Het vraagt durf om jezelf te laten zien zoals je echt bent. Dat is helaas waar. Mooi maf toch. 


(Een interessant project van kunstenaar Eddi Aquire: Nobody's perfect)

maandag 12 oktober 2015

Things that make me smile (Dag 18)

Wel eens gedaan? Elke avond tenminste drie dingen opschrijven that made you smile. Ik doe het veel en kom dan ook regelmatig dagboekjes tegen met deze vrolijke opsommingen. Soms weken achter elkaar, soms zomaar hier en daar een dag. Het begin is altijd even wennen en een beetje geforceerd. Maar als je eenmaal de smaak te pakken hebt, presenteren ze zich elke dag op een dienblaadje bij je aan: the things that make you smile. Zomaar een paar die mij altijd blij maken:


  • Alice in Wonderland. Het verhaal, de tekeningen, de wijze uitspraken. Er is nu een mooie nieuwe uitgave, waar ik altijd even in blader als ik in de boekwinkel ben. Ik mag hem pas kopen van mezelf als de stapel boeken naast mijn bed tenminste de helft geslonken is.
  • Koffie! De allereerste van de dag, bij voorkeur op bed en door mijn lief gemaakt. Maar de eerste op het werk is ook een fijne of eentje buiten de deur met ambachtelijk schuimhart of een kleintje espresso tussendoor.
  • Autorijden in het donker, bij voorkeur in mijn up maar lief mag ernaast. Op de radio fijne muziek en een hoofd vol gedachtes. 
  • Eavesdropping. In de trein, kroeg of gewoon op straat. Flarden van gesprekken zonder context. Die verzin ik er zelf bij!
  • Een weekend zonder plannen. Hoewel een weekend met plannen ook fijn is, houd ik van de belofte van een weekend zonder plannen. De wereld ligt voor één zaterdag en zondag aan mijn voeten.
  • De boeken van Toon Tellegen. En dan vooral zijn prachtige verhalen over eekhoorn en mier met titels als Toen niemand iets te doen had en Misschien wisten zij alles. Als ik toch eens zo mooi kon schrijven. 
  • Amsterdamse humor
  • Als ik mensen tegenkom die een typetje kunnen zijn van Koot & De Bie.  Ik ga het liefst elke week met middelste naar taalles omdat haar juf een vermomde Kees van Kooten is.
  • Alle Loesjes!


zondag 11 oktober 2015

Vijfenzeventig (Dag 17)

Vandaag wordt hij vijfenzeventig. Opa H. ofwel mijn schoonvader. Ik vraag me af wat hij daarvan vindt, dat hij vijfenzeventig wordt. Enerzijds fijn, denk ik, omdat hij zielsveel houdt van zijn kleinkinderen en ze graag groter ziet groeien. Anderzijds valt het hem, denk ik, ook een beetje zwaar. Omdat het leven hem zwaar valt. Vroeger niet. "Mijn vader was een eeuwige optimist", weet mijn lief te vertellen. Hij groeide op in Amsterdam Noord, waar hij al jong volwassen werd omdat zijn vader overleed. Hij verloor zijn hart aan zijn buurmeisje en wist zonder twijfel dat zij de ware was. Doortastend wist hij haar hart te veroveren en ze trouwden. En zoals dat vaak gaat met grote liefdes kan daar iets heel moois uit voorkomen. In dit geval maal twee: mijn lief en zijn grote broer R.

De ambities van mijn schoonvader? Simpel. Zorgen dat zijn vrouw en zijn twee zoons gelukkig waren. En dat leek hem te lukken. Hij werkte hard en als het nodig was deed hij er 's avonds nog extra werk bij. Op de onnavolgbare wijze van ouders lukte het hem dan ook nog om betrokken te zijn bij de school en sportclub van zijn zoons. Mijn lief kan het met een mengeling van trots en verbazing vertellen. Op zijn werk bleef zijn loyaliteit, optimisme en eindeloze inzet niet onopgemerkt en zo maakte hij op latere leeftijd nog carrière. Werk, dat hem houvast bood toen het leven hem haar donkere kant liet zien. Zijn vrouw werd ziek. Complicaties en fouten zorgden ervoor dat hij haar bijna kwijt raakte, maar het lot bepaalde gelukkig anders. Door zijn optimisme? Je zou het willen geloven. Hij werkte, zat in het ziekenhuis, zorgde en weigerde over een slechte afloop te praten, laat staan te denken. Hij is klein van stuk maar groot van koppigheid. Alle emoties liggen verborgen in zijn ogen, praten erover doet hij niet. Nog steeds niet. 

Na deze periode van groot verdriet, braken betere tijden aan. Zijn zoons vlogen uit maar kwamen met nog net zoveel plezier weer thuis. Hij maakte reizen met zijn oudste, grappen met zijn jongste en waakte nog steeds over hun geluk. Het belangrijkste in zijn leven. En hetgeen hij uiteindelijk niet kon afdwingen. Hij verloor zijn oudste zoon. 

Toen ik mijn schoonvader leerde kennen, sloot ik hem meteen in mijn hart. In zijn ogen zag ik niets dan goedheid. Van zijn optimisme was alleen het gebaar overgebleven, niet het heilige vuur. Het bleek niet opgewassen tegen het verlies dat hij met zich meedraagt. Maar hij doet zijn best. Hij is de allerliefste opa en waakt nu over het geluk van zijn kleinkinderen. Elke week, als hij oppast en tosti's bakt, vertelt hij ze hoeveel hij van ze houdt. Het stemt me hoopvol, tegelijkertijd zie ik hoe het verdriet hem steeds kleiner en kwetsbaarder maakt. Erover praten gaat niet. Ons geluk gaat boven het zijne, dus vertelt hij ons dat het goed met hem gaat. 

Lieve schoonpapa, veranderen ga je niet meer, dat hoeft ook niet, maar weet hoe goed je het hebt gedaan en doet als vader, opa en schoonvader.



zaterdag 10 oktober 2015

Zelf(ie)beeld (Dag 16)

Ik sta in de winkel voor een nieuwe bril. Met tegenzin. Want eigenlijk wil ik geen bril, maar voor laseren ben ik nog te jong. Dat vind ik dan wel weer grappig. Als ik het nog even volhoud met bril, ben ik straks oud genoeg voor een leesbril, dan hoef ik nog maar één oog te laten laseren en nooit meer een bril. Zo, het hele verhaal!

Inmiddels is oude bril op en moet ik al heel lang een nieuwe. Van uitstel komt afstel, maar niet vandaag. Ik sta dus in de winkel voor een nieuwe bril. Terwijl ik bij de afgeprijsde modellen sta, kijkt de eigenaar van de brillenwinkel me diep in de ogen, loopt weg en komt met een model nieuwe collectie. Raak! Hij heeft er verstand van. En hoewel in mijn zelf(ie)beeld geen bril past, staat deze best mooi. Ik lach mijn bebrilde gezicht toe in de spiegel en schrik van mijn lachrimpels. En dan zitten er nog niet eens glazen op sterkte in. Snel loop ik naar de andere kant waar het zonlicht niet zo meedogenloos naar binnen schijnt. Een zelf(ie)beeld is immers zo gemanipuleerd en wat is waarheid? 

Grote man en kleine man vinden de bril mooi. Maar ik schrik. Van de prijs. En dan zitten er nog niet eens glazen op sterkte in. Kijk, zegt de eigenaar van de winkel, je kunt de bril gewoon alle kanten op buigen. En hij is ook nog eens vederlicht. Ik knik, hij heeft gelijk. En beide is wel wat voor mij. Maar ik bedenk in mijn hoofd wat ik allemaal voor dat bedrag zou kunnen doen. Grote man kent me en lacht zijn scheve - ietwat spottende - glimlach. "Gewoon doen prinses!" Maar ik kan het niet en even later zitten we weer op de fiets naar de negen straatjes. Daar zit namelijk een brillenwinkel met monturen voor weinig. Daar krijg je dan gratis geen goed advies bij, de brillen zijn onbuigzaam en ook niet bepaald licht. Ik zet er wel tien op mijn gezicht, maar tevergeefs. 

Potver! Bij mijn nieuwe zelf(ie)beeld past nu een vederlichte, buigzame bril volgens de nieuwste trend en uit de nieuwe collectie, waar bovenal mijn ogen zo goed in uitkomen. Ik negeer scheve glimlach van lief en ga er volgens goede traditie maar eens wat weekjes over twijfelen.



Voorlopig nog niet verlost van oude bril...

donderdag 8 oktober 2015

Ik hou van jou (Dag 15)

"Wat doe ik van je?", vraag ik vaak aan de kinderen. "Houden!" is hun steevaste antwoord. "En wat vind ik van je?", is dan mijn volgende vraag. "Lief!", weten ze uit hun hoofd. De antwoorden komen soms afwezig vanachter een boekje maar meestal met uitroepteken en glimlach van oor tot oor. Lief en ik herhalen hetzelfde riedeltje een paar keer per week. Gewoon omdat je het niet vaak genoeg kunt zeggen. Amerikaans? Misschien wel. Maar als kleine man dan zijn armen om me heen slaat en in mijn oor fluistert dat hij van mij tot aan Pluto houdt, neem ik dat graag voor lief. Of als middelste haar 'ik ook van jou'  nog eens benadrukt met een langgerekt 'heeeeeeel veeeeeel',  kan me dat niets schelen.

Oudste wordt inmiddels een beetje te oud voor het riedeltje. Haar antwoord is een zucht en een steun, maar ze onderdrukt tegelijkertijd een glimlach. En als ik haar afzet bij haar moeder, krijg ik in de auto nog een nonchalante 'dahag'. Maar met het dichtslaan van de deur, hoor ik het nog net: "Ik hou van je". In de geweldige film Love & Sex beweert John Favreau dat als je te vaak zegt dat je van iemand houdt, het net zo normaal wordt als een broodje kaas. Nou kan ik nog steeds heel blij worden van een broodje kaas, dus I Cheese Sandwich mijn lief regelmatig. En dat klinkt dus gekker dan ik het bedoel. 

Mijn punt? Soms is het moeilijk om uit te spreken dat je van iemand houdt. Toen ik nog niet zo lang stiefmoederde durfde ik vooral oudste hier niet mee op te zadelen. En misschien was ik ook een beetje bang voor het antwoord. Maar eenmaal de drempel genomen... Want hoe fijn is het om tegen iemand te zeggen dat je van hem of haar houdt en hoe fijn is het als iemand het tegen jou zegt.  Soms tussen neus en lippen door, een broodje kaas, en soms heel bewust en met aandacht. Omdat je het  niet vaak genoeg kan zeggen of omdat je het nog niet vaak genoeg hebt gezegd. 




woensdag 7 oktober 2015

Van die dingen (Dag 14)

  • Dat je lief Freek zit te zijn in een ver land en dat je hem mist
  • Dat je - pas halverwege je blogmarathon - om inspiratie verlegen zit
  • Dat de blues sterker lijkt dan rennen, bloggen en broccoli
  • Dat er dan gelukkig nog altijd vriendinnen zijn...

Stars can't Shine without Darkness... (X voor D.)

maandag 5 oktober 2015

Freek (Dag 13)

Mijn lief zit in Suriname. Tenminste, op dit moment zit hij nog in het vliegtuig naar Suriname. De bofkont is mee met vriendin én stewardess W. Ze nam mij al eens mee naar Buenos Aires en Lissabon en nu mag mijn lief mee de jungle in. Hij durfde zich amper te verheugen omdat de vlucht overboekt was en er nog een heel setje IPB'ers (Indien Plaats Beschikbaar'ers) stond te  popelen met een betere kans dan hij. Vanmorgen berichtte hij zijn kans op één procent om een minuut later digitaal te joelen dat hij in mocht stappen. Wauw!

Wat ben ik blij dat hij mee is, hoewel ik hem nu al mis (beneden hoor ik namelijk al een uur gerommel, terwijl de kat naast me op de bank ligt te slapen). Suriname stond al heel lang op zijn verlanglijstje, je weet wel zo'n verlanglijstje van landen die je zo graag nog een keer wilt bezoeken. En vriendin W. maakt dromen graag waar.  Dus daar gingen ze.

Lief half voorbereid, omdat hij het toch niet helemaal kon geloven. Dus hij is straks die toerist die in de jungle in een te warme spijkerbroek en op gympies loopt. Met op zijn rug de schooltas van middelste. In zijn koffer zitten brieven van ons, een verrassing die hij gisteren al ontdekte toen er nog een (Jip en Janneke!) toilettas in de koffer gepropt moest worden. Het maakt allemaal niets uit. Lief waant zich een week lang Freek Vonk, slapen in een hangmat in de jungle en op zoek naar kaaimannen (in Artis kan hij uren kijken naar de achterlijke gaviaal). En wij? Wij houden thuis een beetje vakantie met logeerpartijtjes. Oudste slaapt vannacht bij mij in het grote bed, morgen middelste en de rest van de week kleine man, schat ik zo in. Dromend van een behouden thuiskomst van Freek.


zondag 4 oktober 2015

Sisyphus en Tantalus (Dag 12)

Ontbijt op zondag. We praten over over dodelijke selfies. Laatst stortte een vrouw van de Taj Mahal omdat ze een onmogelijke pose aannam voor een selfie. In haar val sleurde ze een andere toerist mee. Selfie-vrouw dood, andere toerist hield er alleen een gebroken been aan over. Oudste weet niet of ze moet lachen om zoveel domheid of zich moet ergeren aan dit 'Narcissus-syndroom". Manlief verslikt zich in zijn beschuit om deze wijze verwijzing van oudste.

Sinds ze op de middelbare school zit, lijkt haar algemene kennis zich als Gremlins te vermenigvuldigen. Haar verwijzing naar deze Griekse ijdeltuit is extra leuk omdat ze al vaak hardop te kennen heeft gegeven dat het Gymnasium echt niks voor haar is. Ze wil namelijk ook nog een leven naast school en met al dat Grieks en Latijn lijkt dat er niet in te zitten volgens haar. Ik zeg er niks van. Af en toe vertel ik hoe leuk ik vroeger het Gymnasium heb gevonden en niet alleen vanwege de Rome-reis in de vijfde. In de brugklas kregen we een proefles en ik was meteen gegrepen door de geweldige verhalen uit de Griekse mythologie.

Ik geniet dan ook als oudste aan het ontbijt enthousiast begint te vertellen over Sisyphus. Waar bij mij ergens was blijven hangen dat de stakker oneindig een rots de berg op moest rollen, vertelt zij het hele verhaal. Waarom hij deze straf kreeg en ook nog hoe de veerman op de boot naar de Hades heet. En Tantalus, ik wist toch zeker wel waar hij door gekweld werd? Nou?, kraken mijn hersens. Oudste vertelt alsof het een film is die ze gisteren nog op tv heeft gezien. De hele tafel hangt aan haar lippen en de laptop wordt erbij gehaald om nog wat godenspul op te zoeken. Aphrodite, Zeus (die weer eens met een nimf aan het rommelen is, aldus oudste), Apollo en Bacchus schuiven aan aan het ontbijt. Daarmee halen we voor het gemak de Grieken en Romeinen door elkaar. En hoe zat het ook alweer met Odysseus... Oudste besluit deze week aan haar leraar te vragen hoe het boek heet, waarin al deze verhalen staan. Ik glimlach om zoveel nieuwsgierigheid. Daar kom je ver mee, Gymnasium of niet.


zaterdag 3 oktober 2015

Dag 10 (Dag 11)

Voor de opmerkzame lezer. Op dag vier lukte het me niet om te bloggen. Op dag tien, gisteren dus,  hetzelfde verhaal. Er moest gewerkt, naar huis gejakkerd, omgekleed, op de fiets gesprongen, met de pont het IJ over om met vriendin W. sushi te eten. Moet ook gebeuren.  Maar eenmaal thuis waren mijn luiken zwaar, de blogkamer koud en de armen van mijn lief warm. Hij probeerde het nog wel: "Lief, je weet toch wel dat je nog moet bloggen." Ik draaide mijn goede oor nog wat dieper tegen zijn gespierde (jawel, hij traint!) borst en liet de opmerking langs mijn dove oor gaan.

Dus de regels van mijn blogmarathon zijn daarmee een pietsie aangepast. In principe blog ik elke dag en in ieder geval (insjallah...) 30 dagen lang. Dus voor elke dag dat ik niet blog, komt er eentje bij. Bloggen blijkt een kwestie van plannen en dat is niet helemaal mijn sterkste kant. Privé dan. En volgens de lat van mijn lief. Ik vind het namelijk reuze meevallen allemaal. Het is meer zo dat hij een extreme planner is. Als hij aan is dan. Want een uit-knop heeft hij ook. Wat wel weer fijn is en ook wel grappig omdat er weinig tussenin zit. Geen stand-by zeg maar. Volgen jullie het nog? 

Als manlief aan is, plant hij keurig in dat hij drie keer in de week wil trainen, de kinderen zijn met hem altijd op tijd op school en wanneer er een studiedag is (kinderen vrij) bliept dat tijdig uit zijn telefoontje. Met afspraken vertrekt hij keurig op tijd en de weekendplannen legt hij graag eerst tegen de buienradar-lat. Ik ben meer degene die op zondag joelend het strand op holt om vervolgens heel verbaasd te zijn als de bui losbarst. Ik reken bijna alles in kwartiertjes. "Ja, ik ben er over een kwartiertje!" (badjas nog aan, fiets nog niet gepakt, laat staan de pont gehaald.) Een vrije dag is voor mij een zee van tijd waarin we van alles kunnen doen. Fietsen, naar het strand, lummelen en lanterfanten, de krant lezen en ook nog de boodschappen. Soms lukt dat, vaak heb ik net een stukje dag te weinig. En dat is dan net dat stukje waarin ik mijn blog wilde schrijven. Volgen jullie het nog? Geen onwil dus. Meer karakter. Van het hardnekkige soort. 


Volgens manlief heb ik een rekbaar besef van tijd... 



donderdag 1 oktober 2015

Hotelbedden (Dag 9.)

Ruim drie jaar geleden kwam ze in ons leven: N. ofwel de hoeksteen van ons gezin. Iedere week maakt ze ons huis schoon, met zoveel liefde en grondigheid, dat zowel huis en ik er altijd weer een beetje beduusd van zijn. Zelfs het LEGO staat in het gelid als ze is langs geweest.

Afgelopen twee weken was ze er niet. Omstandigheden, griep (ik) en offerfeest (zij). Huis en ik (en  manlief stiekem ook) misten haar. Al na een week daalde er een grijze stoflaag neer, die niet meer wilde verdwijnen.  Het zonnetje scheen vrolijk naar binnen, maar tegen de gekleurde hagelslag en kattenharen was niet op te vegen. Tussen school, werk en hollen door, konden we er ons niet toe zetten de boel bij te houden, waardoor ik vanmorgen opstond met een gevoel van angst en vreugde. "Vandaag komt ze weer!" juichte ik zachtjes, tegelijkertijd haalde ik een snelle lap over de stoffige traptreden en verstopte twee manden vouwwas in de bergkast. Tegen manlief mopperde ik dat het wel duidelijk was dat we zonder N. nergens waren. "Dan verloederen we", beweerde ik met enig gevoel voor drama. 

"Zou ze het met ons uit maken", bedacht ik me op de terugweg naar huis. Maar toen ik de deur opendeed, rook ik het al. N. was geweest en had haar toverkunsten weer op ons huis losgelaten. De kraakheldere gang knorde van genoegen. Met twee treden tegelijk nam ik de trap naar onze slaapkamer. "Hotelbedden", joelde ik naar grote en kleine man beneden. Waarop een indianenkreet van kleine man klonk. Bij grote man klonk vooral opluchting: "relatie gered schat!


woensdag 30 september 2015

Lanterfanten en lummelen (Dag 8)

Misschien omdat de woorden zo mooi zijn, maar wat houd ik toch van lanterfanten en lummelen. Hoewel ik het vroeger vaker deed dan tegenwoordig, ben ik het nog niet verleerd. Ik ben er zelfs erg goed in. Ik zou er mijn geld mee kunnen verdienen. Als dat zou kunnen dan. Ik lanterfant en lummel namelijk, denk ik, erg aanstekelijk. Met een hoofdletter L. zeg maar. Dat het plezier ervan straalt en dat je zelf ook het liefste meteen zou willen lummelen en lanterfanten. Ben je er nooit goed in geweest? Of zou je het willen leren? Lees dan snel verder.

Men neme een dagdeel, een ochtend of avond maar als het even kan de hele dag. De voorpret begint met het besef dat er geen afspraken staan. Heerlijk helemaal niets. Geen brengen en geen halen van gezinsleden, geen koffiedate, bijkletslunch, doktersafspraak... helemaal niets. Misschien raak je even van je apropos van zoveel niets. Een paar uur stuk te slaan zonder afspraken of verwachtingen? Het deel van je brein dat graag ' braafste kind van de klas'  is, weet raad: wassen, boodschappen, eindelijk een keer echt overstappen naar die duurzame bank, opruimen... Maar dan staan lummel en lanterfant op. Ze knipogen verleidelijk naar je en hebben voor je het weet een perfecte cappuccino voor je gemaakt, de tuinstoel neergezet mét kussen en 'Wij' van David Nicholls uit de boekenkast getoverd. Hypothetically speaking uiteraard. Een tevreden zucht en je ploft neer. Digitale apparatuur ver buiten handbereik. Een stukje chocola ver daarbinnen. 

Niets kan je gebeuren. Behalve dan hele fijne dingen. Een zonnetje, dat niet achter de wolken gaat en perfect van temperatuur is. Een babyslak die zijn neus over de rand van je ligbed steekt. Overvallen worden door een perfect dutje. De postbode die een aanstekelijk deuntje fluit en je galmend een fijne dag wenst. Een boek dat op elke bladzijde wel een mooie zin verbergt. Nog wat meer chocola. En dan zomaar ineens nog een dutje. 

Lummelen en lanterfanten, het kan je zomaar overkomen. En als niet, dan is het de hoogste tijd om deze twee in te plannen. Met glimlach-garantie!


(ofwel het zalige niets doen, illustratie www.elskeleenstra.nl)


dinsdag 29 september 2015

Beauty (Dag 7)

Beauty is in the eye of the beholder. Een mooi gezegde en zo waar. Want wat is mooi? En wie is mooi? Wie het weet mag het zeggen. En dat gebeurt volop, vaak op een negatieve manier. Ik kijk naar het nieuwe programma van Sophie Hilbrand, Sophie in de kreukels. Ik vind Sophie mooi. Als ik het goed inschat van buiten en van binnen. Ik schrik daarom ook als ze op tv wat meningen deelt die over haar worden uitgestort op social. Ik vind ze het niet waard hier te noemen, maar het maakte me verdrietig. Waarom worden mensen zo hard beoordeeld om hun buitenkant? Een gewetensvraag, want ook ik heb liever sjans van een mooie man dan van een minder mooie man. Hoewel ik dan wel meteen weer terugkom op mijn eerste vraag: Wat is mooi?

Ben ik mooi? Mijn lief vindt van wel. Tegelijkertijd heb ik op straat nog nooit ongelukken veroorzaakt met mijn verschijning. Wat gek is op dagen dat ik mezelf mooi vind en te verwachten op dagen dat ik daar anders over denk. Zo ingewikkeld is het dus, schoonheid. Ik vind mijn lief de allermooiste en weet toevallig dat vriendin I. en vriendin S. en vriendin A. daar net zo over denken, alleen dan als het over hun mannen gaat. Als ik naar mijn kinderen kijk, weet ik zeker dat zij de mooiste schepsels zijn ooit op de wereld gezet. Objectief? Zeker weten. Subjectief? Dat ook.

Als ik Sophie zie rondlopen op een beurs voor cosmetische chirurgie, schrik ik van de ambassadrices die daar staan. Strakgetrokken gezichten met rare volle lippen en wangen. Wat me treft is vooral het gebrek aan humor en fantasie. Alsof die verdwijnt met iedere spuit en ingreep. Misschien niet meteen, maar ergens op dat hellende vlak. Alsof je aan de buitenkant gaat zien, dat het aan de binnenkant only skin deep is.

Wat zou de wereld saai worden zonder fascinerend grote neuzen (vriendin C. heeft er een zwak voor), littekens die een verhaal vertellen, oren die een beetje flappen (en waar je gekmakend verliefd op kunt worden), lachrimpels, maar ook die ene verdrietige rimpel die vraagt om liefdevolle kussen, een rug die een beetje krom loopt, een kleine en een grote borst, hamertenen (niet leuk, wel grappig) en sproeten op elk denkbaar plekje. Die wereld willen we toch voor geen goud verruilen voor gladgestreken gezichten en lippen die uit hun velletjes barsten van de fillers?

Ik hoop dat Sophie volhoudt en haar eigen mooie ik blijft tot ze heel oud en rimpelig is. Wedden dat ze dan nog steeds lichtjes in haar ogen heeft.




maandag 28 september 2015

Dear Cheshire Cat (Dag 6)

Dus, ik loop hard met Dolf. Ik blog een marathon. Ik slik vitamine D van het juiste merk op aanraden van vriendin A. Ik drink elke dag een Golden Sunrise, wat niet zo lekker is als het klinkt. Ik eet broccoli voor de lunch én voor het avondeten. Ik doe koud geslingerde honing in mijn thee. En dan nog... echt! En dan nog...

Al twee weken lang, hangt er een lappenmand boven mijn hoofd. Groot en grijnzend als de Cheshire Cat uit Alice in Wonderland. Is mijn hoofdpijn weg, begint mijn keel, trek ik een trui aan omdat ik het zo koud heb, breekt het zweet me uit. Ik weet niet bij wie ik het moet indienen. Maar ik heb zin noch tijd om ziek te worden. Kijk me eens mijn best doen, mensen van het Griep-Ministerie. Legt u me maar in het bakje 2016. Dan zien we wel weer.

Ondertussen val ik op de bank in slaap, ben ik een luisterend oor op feestjes omdat ik mijn stem kwijt ben en hebben wekker en ik het dieptepunt in onze relatie bereikt.

Dear Cheshire Cat, would you tell me please, wich way I ought to go from here?



zondag 27 september 2015

Papa (Dag 4... euh dag 5)

Toen ik klein was, vertelde hij elke avond het verhaal dat ik wilde horen. Het verhaal ging over zijn acht broers en hoe verbaasd zij waren toen ik geboren werd. Een dochter! Alsof het een wonder was, alsof ik een wonder was. Ik kon er geen genoeg van krijgen, van dat verhaal. En mijn vader vertelde het met eindeloos geduld. Hoewel hij werkte, was hij - eenmaal thuis - met al zijn aandacht bij ons. Bij mijn moeder, bij mijn broer en bij mij. Zelfs de poes kon rekenen op zijn aandacht en ook het door ons verwaarloosde konijn Snorrebor.

Ik kan me niet herinneren dat hij ooit uit zijn humeur was of boos op ons. Zelf doet hij dat af als "het opvoeden heb ik overgelaten aan jullie moeder". Maar ik weet dat dat niet zo is. Hij bracht naar bed, las voor, stoeide, knuffelde,  noemde me zijn lievelingsdochter en gaf me stevige vleugels terwijl ik opgroeide en steeds meer de wereld ging verkennen. Ook in deze fase bleef hij over een eindeloos geduld en zachtaardigheid beschikken. De keren dat hij me in de stad kwam ophalen omdat ik mijn nachtbus had gemist, zijn niet op één hand te tellen. Het eerste dat hij altijd zei als ik instapte: "wat ben ik blij je koppie weer te zien". Toen ik op mezelf ging wonen, kluste hij 's avonds mijn woonwensen in elkaar. En bij elke stap die ik zette, studie, eerste baan, eerste verre reis... vertelde hij me hoe trots hij op me was.

Toen ik moeder werd, ontdekte ik wat ik al wist. Dat kleine man zich geen lievere opa kon wensen. Voor het eerst ging hij oppassen, één dag in de week. En vijf jaar later is hun band al onverbrekelijk. Het ontroert me iedere keer weer om die twee samen te zien. Schaterend, stoeiend en knuffelend. De meest gekke uitspraken en streken leert kleine man van mijn vader. Want zoals hij zelf zegt "het opvoeden laat ik over aan oma".

Het afgelopen jaar was zwaar voor hem. Omdat zijn grote liefde, mijn moeder ziek werd. Toen we het net te horen hadden gekregen, wist ik niet om wie ik me meer zorgen moest maken, mijn moeder of mijn vader, wiens hart in duizend stukken leek te zijn gebroken. Maar toen de dokters ons konden geruststellen, raapte hij de brokstukken op en nam zijn plek in als rots in de branding. Met een eindeloos geduld en zachtaardigheid. Voor mijn moeder, voor ons. Wat was ik trots en wat besefte ik  weer eens hoeveel ik van deze man houd.

Mijn vader is een boeddhist zonder dat hij er ooit een letter over las. Mindful avant la lettre. Zonder gedoe, op zijn Amsterdams zeg maar. Ik ken niemand die zo kan genieten van de dagelijkse dingen als hij. En dat hardop deelt met iedereen die hem lief is. We maken er grapjes over, maar ik neem er ook een voorbeeld aan, getuige mijn blog. Hij laat me mijn hele leven al zien, wat inmiddels mijn credo is geworden: All you need is Love. Love is all you need. De rest is bijzaak. Toch pap?








vrijdag 25 september 2015

Olivia Newton John (dag 4)

Ik heb last van het Olivia Newton John syndroom. Dat besefte ik toen ik mijn portretfoto zag die was gemaakt op een feestje van mijn werk. Op zich niks mis mee. Ik kijk vriendelijk, houd mijn handen normaal en mijn buik in. Zoals gezegd, op zich niks mis mee. Behalve dat ik mezelf ineens zo saai vind. Ik zie dat ik nooit tijd maak voor de kapper. Soms uit tijdgebrek maar vaak omdat ik gewoonweg niet weet wat ik wil. Mijn kledingkast is flink opgeschoond met de Marie Kondo methode, maar mijn streven naar een duurzamer garderobe zorgen ervoor dat de gaten nog niet zijn opgevuld. Tel daarbij op dat ik niet heel handig ben met make-up, mijn haar een eigen leven leidt en ik er voortdurend een beetje moe uitzie vanwege ochtendwekkers. Het resultaat: een beetje saai.

Sindsdien voel ik me zoals Olivia Newton John zich in de film Grease moet hebben gevoeld. Nu maakt mijn John Travolta het allemaal niet zoveel uit. Sterker nog, hij kan hier helemaal niks mee. Saai? Ik zie zijn blik al naar binnen keren en hem de grote zucht der zuchten zuchten. Maar in mijn hoofd is alleen nog plek voor Olivia, smachtend naar iets anders. Haar in de krul, volume op overdreven, knetterstrakke broek aan en  - zoals Kenny B. zegt - met boeng hoge hakken. Dat ik in de spiegel kijk en de tune automatisch begint te spelen. Mijn lief stopt accuut met zuchten, maar ik zing: You'd better shape up, cause I need a man. And my heart is set on you. 

Morgen heb ik een afspraak met de kapper. Zal hij het begrijpen als ik om een Olivia vraag? 




Mmm, those sweat memories!

donderdag 24 september 2015

De eenzamen (Dag 3)

Eenzaamheid in de stad neemt toe, lees ik in het Parool. Bijna veertig procent van de Amsterdammers voelt zich matig tot ernstig eenzaam, vertelt vrijwilligersorganisatie Regenboog die deze groep sinds vier jaar zag verdrievoudigen. Opvanghuizen worden opgeheven. Thuiszorg en individuele begeleiding vallen weg.  In de bijlage krijgen deze cijfers een gezicht. In een openhartig interview vertellen Kevin (23), Hans (66), Marjan (37) en Yvonne (62) hoe ze langzaam in een sociaal isolement terecht kwamen. Kevin is autistisch en maakt moeilijk contact, nadat het huwelijk van Hans na 23 jaar stopte, sloeg de eenzaamheid toe, Marjan raakte geïsoleerd door haar gewelddadige partner en Yvonne kon na de dood van haar moeder zich er niet meer toe zetten van de bank te komen.

Alle vier kunnen ze haarscherp de eenzaamheid onder woorden brengen. "Die eenzaamheid vreet je bijna op", vertelt Kevin die droomt van een grote vriendenkring en een baan als ICT-er. Als hij later werk krijgt, gaat hij nooit meer op vakantie, weet hij nu al. Hans schrijft blaadjes vol over eenzaamheid, hij twijfelt over zijn bestaan als hij niet van belang lijkt te zijn voor anderen. Oplossingen heeft hij ook, die hij met liefde meegeeft aan de interviewer. Hoewel hij blij was met de maatjes die hem via een vrijwilligersorganisatie kwamen opzoeken, zoekt hij een duurzaam maatje. Eentje die uiteindelijk niet op de klok kijkt. "Adoptie van een eenzame."

Wat een dappere mensen deze vier die tussen wal en schip zijn gevallen. Zomaar, omdat niemand oplette. Dat ze elke dag proberen door te komen, zonder dat het iemand wat uitmaakt. Yvonne wil geen zeurpiet zijn en Hans geeft aan dat hij niet depressief is maar wel intens verdrietig. Eenzaam zijn geeft stress, vertellen ze. Het doet fysiek pijn in je buik en in je hart. Ik voel het bijna.

Vandaag gaat de week tegen eenzaamheid van start. En hoewel ik erg opstandig word van de dag van de dit en de week van de dat, denk ik dat deze week belangrijk is. Dat het een stem geeft aan mensen die geen stem meer denken te hebben. Die af en toe hardop praten tegen zichzelf omdat ze anders bang zijn om gek te worden. Een oplossing heb ik niet. Ja in theorie. Een andere politiek. Een ander soort samenleving. Maar waar begin je? In mijn geval door er eens wat vaker bij stil te staan. Door erover te schrijven. Door wat beter op de mensen in mijn omgeving te letten. Een vriendin vertelde me laatst tussen neus en lippen door dat ik niet kon voorstellen hoe eenzaam ze zich af en toe voelde... Ik wist niet goed wat ik moest zeggen, maar kon wel mijn armen om haar heen slaan. Adoptie van een eenzame. Ik ben voor. 

woensdag 23 september 2015

Mannen (dag 2)


Ze zitten achterin de auto: J. en J. ofwel kleine man en zijn beste vriend. Terwijl we stoppen voor rood, herinnert kleine man J. eraan dat zijn vader tijdens zijn kinderfeestje zo gaaf ging schudden met de auto. "Ja, dat was gaaf!" herinnert ook J. zich. "Schudt jouw moeder ook?", vraagt beste vriend. "Nee, mijn moeder houdt niet van schudden", antwoord mijn zoon met iets van spijt in zijn stem. Het blijft even stil op de achterbank. "Als ik later een papa ben, ga ik ook schudden", neemt J. zich voor. Kleine man knikt enthousiast met zijn hoofd: "Ja, ik ook als ik een papa ben." Opnieuw blijft het even stil tot J. zich bedenkt "dat hij toch niet gaat schudden, want dat ben ik dan vast vergeten". Alsof hij precies weet hoe die dingen gaan, knikt mijn kleine man nog maar eens bevestigend.

"Dus jullie worden later papa's?", doorbreek ik de filosofische stilte. "Ja, ik word later een papa", weet J. Maar van hoeveel kindjes kan hij nog niet zeggen. Wel dat hij nooit gaat trouwen, want meisjes zijn iieeeeeeeuww. "Omdat ze niet van schudden houden?", probeer ik. "Nee, omdat ze altijd willen kussen", verklaren J. en J. in koor. "En jongens houden niet van kussen." "Dus", heeft J. net bedacht, ga ik eerst wel met een meisje zodat ik een papa ben, maar daarna trouw ik met een man." Dat is veilig want mannen kussen niet. Terwijl ik probeer serieus door de achteruitkijkspiegel te kijken, leg ik uit dat ze later vast en zeker willen kussen. En dat ze dan vast en zeker blij zijn als er een meisje of een jongen is die dat ook met hen wil. "Iiiieeeeeeeeeeeeeeeeeuww", klinkt het eenstemmig.

We rijden langs een meisje op een omafiets. "Iiiieuww, een meisje!" roepen ze, hard lachend om deze opmerking. "Maar jullie moeders zijn ook meisjes", zeg ik. Weer blijft het even stil. "Maar die meisjes zijn lief", zegt J. "Ja", zegt kleine man met een klein stemmetje.

Mannen van vijf. Het komt goed.


Alleen bij het instoppen (beeld is van een erg leuk boekje)




dinsdag 22 september 2015

De r van schrijven, rennen en septemberrrrblues (dag 1)

Bijna precies een jaar geleden deed ik het. En verrek, sinds vandaag kriebelt het. Tijd voor een blog-marathon zoemt het al de hele dag in mijn hoofd. Het heeft vast iets te maken met de maand september, de regen die onophoudelijk lijkt te vallen en de eerste najaarsgriep die me al te pakken heeft. Septemberblues? Kom maar op, denk ik, dan hebben we die maar gehad voor de rest van de herfst en winter. Maar als je diep in mijn hart kijkt, wil ik hem ook wel eens een jaartje overslaan.

Dus ben ik - ondanks staat lappenmand - begonnen met hardlopen (de laag stof op mijn Nikes was beschamend lachwekkend). Samen met Dolf Jansen. In mijn oor dan. Leek me leuker dan Evy, die loopt al met de rest van de wereld. En Dolf maakt me aan het lachen, wel zo prettig tijdens iets wat niet mijn favoriete bezigheid is. Bloggen dus wel. Maar toch schiet het er bij in. Vandaar dus... dat zoemen in mijn hoofd. Een blog-marathon van 30 dagen. Elke dag 1 blog. Gewoon omdat het  kan, nouja dat hoop ik dan. Ik deed het al eerder. Twee keer eerder. En dat beviel. Het was leuk en verbazingwekkend dat het me lukte om elke dag een blog te schrijven. Waar het vandaan kwam? Ik had soms geen idee. Dat is het wonder van gewoon maar gaan zitten schrijven. En dat wonder moet dus de septemberblues buiten de deur houden. Samen met die afgestofte hardloopschoenen en Dolf. Ambitieus? Misschien. Maar aantrekkelijker dan die lappenmand.


een schoenendoos met een laagje stof, dat moeten mijn hardloopschoenen zijn...




vrijdag 11 september 2015

Klaar voor de start...

Nog maar drie weken is het. Drie weken waarin werk en school weer begonnen zijn. Niks mis mee. Oudste is als een vis in het water op de middelbare, middelste net terug van haar eerste kamp en jongste loopt rond op school alsof die van hem is. Ook manlief heeft de draad weer opgepakt. Druk dat wel, maar prima, vindt hij. Zo vliegt hij van Berlijn heen en weer en lacht me geruststellend toe vanachter zijn laptop 's avonds: "heel even wat mailtjes wegwerken".

Op mijn werk is het eigenlijk ook leuk. Terwijl ik tijdens mijn vakantie nog een scenario probeerde te bedenken om geld te verdienen met vakantie, viel het alleszins mee. De dagen zijn gevuld met leuke nieuwe plannen en gezelligheid met collega's. Je zou bijna vergeten dat het werk was. Nog iets te klagen dan? Helaas wel. Sinds drie weken is de vermoeidheid weer mijn leven in geslopen. De dag kom ik door, maar 's avonds kun je me opvegen. En omdat dat laatste niemand doet, heb ik besloten dat ik diegene dan maar moet zijn. Want ik weet natuurlijk wel dat het komt omdat ik te weinig beweeg. Met vier dagen zittend achter een laptop, is het hollen en vliegen met kinderen niet voldoende tegenwicht. De twee trappen in huis in combinatie met mijn vergeetachtigheid helpen een beetje, maar zijn ook niet genoeg.

Ik moet gaan beginnen met sporten. Manlief traint sinds de zomer drie ochtenden in de week en het is hem aan te zien (knapperd!). Hij barst van de energie en daar steek ik dan een beetje lafjes bij af. Ook merk ik dat ik teveel op hem mopper, omdat ik moe ben. Logisch? Nee! Slim? Allerminst, zeker omdat hij zo'n knapperd is. Dus heb ik hem van de week mijn oprechte excuses aangeboden, beterschap beloofd en gevraagd of hij mijn stok achter de deur wil zijn. Ik ga namelijk hardlopen.  Eigenlijk niet iets om van de daken (lees: blog) te schreeuwen als je nog niet eens begonnen bent. Maar je begrijpt, ik kan alle stokken gebruiken die er zijn. De app staat al op mijn mobiel en mijn hardloopschoenen zijn uit de doos gehaald. Klaar voor de start...


Hoop ik dus. 

zondag 6 september 2015

Aylan

Ik krijg het beeld niet van mijn netvlies. Aylan. Hij leeft niet meer. Zijn kleine lichaam is aangespoeld. Dood en onvoorstelbaar kwetsbaar zoals hij daar ligt. Hij was op de vlucht. Samen met zijn vader Abdullah, zijn moeder Rehanna en zijn broertje Galip. Ik lees dat zijn moeder en broertje net als Aylan zijn verdronken. Ik kan het niet helpen om te denken dat het lot van de moeder een zegen is. Hoe had ze met dit verlies kunnen leven? De vader bevestigt dit in een interview met de BBC: "alles is weg nu". In zijn ogen de wanhoop als hij vertelt dat zijn kinderen de mooiste kinderen van de wereld waren. Ze maakten hem elke dag wakker om met hem te spelen. Wat is er mooier dan dat?

Ik hoef niet naar de foto te kijken om opnieuw Aylan voor me te zien. Zijn rode shirt, zijn lieve mollige armpjes, zijn schoentjes die zijn moeder waarschijnlijk bij hem heeft aangetrokken. Drie jaar oud nog maar en hij leert de wereld een les. De les om niet weg te kijken. Aylan geeft de eindeloze stroom vluchtelingen - wiens verhalen we onmogelijk allemaal kunnen leren kennen - een gezicht en een stem met de verhalen die over hem geschreven worden.

Kijk naar zijn foto en vraag om de grenzen te sluiten. Kijk naar zijn foto en maak harde opmerkingen. Kijk naar zijn foto en doe niets. Het is onmogelijk. Dat hoop ik.

Aylan is samen met zijn broertje en moeder afgelopen vrijdag begraven in hun geboorteplaats Kobani in Syrië. Canada, waarheen het gezin ooit wilde vluchten, heeft de vader aangeboden alsnog te komen. Hij wil niet meer. Voor hem is het te laat. Laat het niet te laat zijn voor alle andere vluchtelingen. Deze wanhopige en dappere gelukszoekers. Op zoek naar wat geluk voor al die mooiste kinderen van de wereld.


Aylan gaf vluchtelingen een gezicht. Deze foto geeft hem en zijn broertje Galip een gezicht. 

maandag 24 augustus 2015

Yellow submarine

Sail! Je hebt er vast iets van meegekregen. Langs de kade, op een boot, in de krant of op Facebook. Vijf jaar geleden heb ik zeil noch schip gezien. Kleine man was net geboren, dus 's avonds deden we ons slaapkamerraam open om het vuurwerk in de verte te zien. Vuurwerk is zelden zo mooi geweest. Maar deze keer verlangde ik meer. Dat leek goed te komen.

School deed een oproep: welke ouders willen meevaren op een tall ship tijdens Sail?  Ik moet bekennen dat ik er iets eerder bij was dan bij de jaarlijkse oproep om de klaslokalen schoon te maken. Karma? Een dag later werd de boottocht ingetrokken en stond ik als hulpouder aangemeld voor een bezoek aan Zeeheldeneiland, gesponsord door de ING. Lees: een drijvende zandbak waar kinderen konden geschminkt (wachttijd vijf kwartier), met een oranje leeuw op de foto en in een piepkleine zandbak munten konden opgraven (onvoorstelbaar populair, kleine man heeft het er nog over). Het was een enerverende dag. Lees: nog steeds had ik amper iets van Sail meegekregen, behalve dus die zandbak, de openbare toiletten een kwartiertje verderop, natte voeten op het pontje van java-eiland naar Noord en als gevolg daarvan een duivels, gelukkig slechts theoretisch dilemma welk kind ik het eerst zou redden. Ik verlangde meer.

Van mijn lief moest ik het niet hebben. Lees: veel te druk en na één boot heb ik ze allemaal wel gezien. Wel van mijn nichtje, die me uitnodigde om bij haar op de Piet Hein-kade naar het vuurwerk te komen kijken. Tussen de ooh's en aah's kletsten we bij, wat alweer veel te lang geleden was, en zelfs grote man was onder de indruk. Kleine man ook, hij bleef ons een gelukkig nieuwjaar wensen. Op de terugweg viel hij op de fiets in slaap. Sail 2015 was geslaagd.

Dat het nog beter kon worden, begreep ik zondagochtend, toen ik uit mijn bed werd getrommeld omdat er nog plek was op een boot. Werk je al jaren hard aan je carrière, blijken je ouders de ultieme connectie tot de boot van Jantje's verjaardag. Lang leve R. die dit had geregeld. Oudste mocht mee, maar verkoos haar huiswerk te maken. Nog een beetje beduusd van deze mededeling stapte ik een halfuurtje later aan boord. Ruim twee uur voeren we over het IJ in de kielzog van de Soeverijn. Elk bootje en tall ship heb ik gezien. Mijn favoriet? De brutale yellow submarine die plotseling kopje boven kwam. Terwijl het liedje in mijn hoofd bleef hangen, kreeg ik die glimlach niet meer van mijn gezicht.

Sail 2015. Hij kan de boeken in hoor...


Happy Sail!




donderdag 20 augustus 2015

Bam!

Het is een week van mijlpalen. Kleine man vijf jaar. Middelste naar de bovenbouw. En oudste naar de middelbare. De middelbare! In de zomervakantie zoemde het woord - met uitroepteken - vaak door mijn hoofd als ik naar haar keek. Mijn blonde stoere meisje. Want een meisje is ze nog. Gelukkig, vind ik stiekem. Nog geen gepuber. Geen rollen met haar ogen. Wel mondig, maar op een grappige manier. De zomer ging op aan stunten op haar zelf gekochte BMX-fiets, kampvuurtjes maken, serieuze wonden schminken, Duck's lezen (stiekem ook de Tina), schaken met haar vader, pesten met de rest van het gezin, koken, zwemmen en haar kleine broertje leren racen door de wijk. Ook moesten er boeken gekaft, want na de vakantie... "Vind je het spannend?", vroeg ik meerdere malen. Haar antwoord bleef hetzelfde ook al kwam de eerste schooldag dichterbij: "Mwoah, niet echt", terwijl ze haar schouders ophaalde en daarmee haar lange blonde haren naar achteren schoof.

"Hoe gaan we dat doen?", vroeg ik manlief meerdere malen. Zijn antwoord bleef hetzelfde ook al kwam de eerste schooldag dichterbij: "Gewoon", terwijl hij me lachend aankeek. Op mijn "ik wil niet dat ze een sleutelkind wordt hoor", lachte hij nog wat breder. "En ik wil ook dat je voortaan goed bereikbaar bent op je werk overdag, want ze gaat vast en zeker bellen".

Mijn lief kent zijn kind. Hij hielp met kaften, regelde een telefoon zodat ze voortaan zou kunnen appen met haar vrienden (ze zat inmiddels wel heel alleen op KIK) en had een serieus gesprek met haar op de avond voor de eerste schooldag (ik hoorde ze lachen). En oudste? Die hield niet op met vertellen dat ze pas om kwart over twaalf op school moest zijn die maandag. Om kwart over twaalf! "Dan zijn jullie toch al naar je werk he?" Diezelfde lach als haar vader. "Ik kan thuis werken, als je dat prettig vindt." Ze keek bijna alsof ze met haar ogen ging rollen, maar zei toen lief: "Dat hoeft niet hoor".

En nu zijn we alweer een week verder. Een week waarin ze zelfstandig van en naar school fietst. Op tijd komt. Beste vrienden L. en P. veilig aan haar zijde. Een week waarin ze slechts twee keer belde (mij, haar vader pakte niet op), één keer omdat ze haar schoen niet kon vinden (ik vond hem 's avonds in de wasmand) en één keer om te vertellen dat ze na een uurtje alweer vrij was. Ze heeft een filmpje gemaakt in Eye, bijna 28 namen uit haar hoofd geleerd, op haar rooster getuurd, gekanood en gefree-runned en gepuzzeld hoe ze haar boeken het meest efficiënt van het ene huis naar het andere krijgt ("papa, kun jij me morgen brengen naar mama?"). Het belangrijkste, haar ogen stralen. Ze vindt het leuk. Aan tafel vertelt ze honderduit voor haar doen. Bam!, roept ze regelmatig om haar verhalen kracht bij te zetten.

"Bam!?", vraag ik.
"Ja", lacht ze.
"Je weet wel, BAM!!!!"
De middelbare schooltijd is officieel begonnen.


dinsdag 18 augustus 2015

Poo(hee)!

En dan besluit je je haar niet meer te wassen met shampoo. No poo(ha)! In het vooruitzicht? Nooit meer keuzestress voor het schap met haarverzorging. Nooit meer ergernis aan alle marketingkul en loze beloftes op de fles. Geen klitten meer. Wel glans. En misschien wel krullen.

Mijn experiment begon met een vliegende start, want vakantie. Mocht mijn haar vet worden (en dat werd het), dan zou ik zakelijk gezien niet minder serieus worden genomen. Privé had ik niet zoveel te verliezen. Mijn lief is al lang geleden gestopt met zijn haar te wassen met shampoo, dus hij ondersteunde mijn project bemoedigend. Zelfs nog toen mijn haar al ruim een week verborgen zat in een oncharmant (glimmend) knotje. Mijn vriendinnen waren met name nieuwsgierig hoe het me zou vergaan. "Als het jou nou bevalt, misschien kunnen wij dan ook..." Dat idee. En de kinderen deden mee. Kleine man al ruim een jaar, zonder dat hij zich er van bewust is. Middelste omdat we haar gewoonweg niet meer de shampoo aanreikten in bad of onder de douche. En oudste bewust: "ik doe met je mee!"

Inmiddels ben ik bijna een maand verder. De status? Ik heb het niet volgehouden. Ondanks dat ik mijn haar om de dag spoelde met water werd mijn haar razendsnel vet, met name op mijn hoofdhuid en bij mijn haarwortels. Een vies gevoel, alsof je niet helemaal schoon bent. Ook kreeg ik mijn haar niet meer in model. En dat oncharmante (glimmende) knotje bleek niet mijn look... Vriendinnen zeiden dat het meeviel. Manlief raadde me aan niet zoveel aan mijn haar te zitten (tevergeefs). Maar na twee en een halve week greep ik naar de fles. Mijn schone middenscheiding woog ternauwernood op tegen de teleurstelling dat ik het niet had volgehouden.

De herkansing kwam met een weekje kamperen. De shampoo bleef thuis en de douche op de camping bleek van het type 'pisstraal' dus volhouden was makkelijk deze keer. Weer thuis (met het inmiddels gehate knotje) bleek alleen spoelen niet bestand om vijf avonden kampvuur uit mijn haar te wissen. Weer gewassen dus. Het experiment was nu officieel mislukt. Bij mij dan. Oudste en middelste hebben in de afgelopen maand geen shampoo gebruikt en lopen met gezond glanzende en heerlijk ruikende koppies rond. Een kwestie van hormonen misschien? Ben ik te volwassen voor no poo? Manlief bewijst het tegendeel. Maar hij zit niet zo vaak aan zijn haar als ik de afgelopen vier weken...

Ik geloof nog steeds dat je prima zonder shampoo kunt. En tijdens mijn experiment heeft mijn haar - hoewel vet - helemaal niet gestonken. Elke ochtend snuffelde manlief braaf op verzoek en ook vriendinnen T. en W. vonden mijn haar prima ruiken: "het ruikt gewoon naar haar."  Mijn twijfel zit meer in de overbruggingsperiode. Hoe kom je die door? Op internet lees ik dat die wel acht weken kan duren, minstens. Zucht! Ik was niet eens halverwege en gaf al op. Volgend jaar zomer een nieuwe poging? Wie weet. Misschien wel eerder. Ik hoop het.


Lievs

Niets maakt me zo gelukkig als een brief door mijn bus, schreef ik gisteren. En wat denk je... vandaag ligt er een brief op mijn mat! De mag...